Search our collection of 12.014 BOOKS

Author
Title
Publisher
Keywords
Booknr

Search our 2.650 News Items

INDEX AUTHORS


A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

We found 0 books

We found 28 news item(s)

Persbericht Roularta
Roularta brengt bindend bod uit op Sanoma-magazines en verankert zich in print
Edited: 201801170108



Het beursgenoteerde Roularta Media Group heeft een bindend bod uitgebracht op de Belgische Sanoma-titels met uitzondering van de woonbladen. Het pakket omvat de weekbladen Libelle/Femme d’Aujourd’hui (CIM 245.504 exemplaren) en Flair N/F (CIM 74.222 exemplaren), de maandbladen Feeling/Gaël (CIM 69.132 exemplaren) en de magazines La Maison Victor, Communiekrant, Loving You en She Deals. De websites (met o.a. flair.be en libelle.be met respectievelijk 804.135 en 600.841 real users/maand volgens CIM), line extensions en social mediakanalen van deze titels zijn eveneens in het bod opgenomen. De totale 2017 omzet van deze merken bedraagt circa 78 miljoen euro voor een overnameprijs (inclusief pensioen- en abonnementenverplichting) van 33.7 mio euro.

De (offline/online) doelgroepen van die mediamerken zijn uitgesproken vrouwelijk en dus een mooie aanvulling op de reeds bestaande andere hoogkwalitatieve doelgroepen die bereikt worden via de huidige magazinemerken van Roularta (Knack, Le Vif, Trends, Sportmagazine, Nest, Plus Magazine enz.).

Naar aanleiding van deze belangrijke transactie, verkoopt Roularta de titels “Ik ga Bouwen/ Je vais Construire” voor een prijs van 1 miljoen euro aan Sanoma, die in mindering komt van de overnameprijs voor de Sanoma titels. Het zijn titels die aansluiten bij het portfolio woon- en decobladen van Sanoma.

Roularta wil door deze consolidatie en dankzij de synergie met de magazinemerken van de groep, zorgen voor de continuïteit en de multimediale groei van deze titels.
Indien het bod goedgekeurd wordt door Sanoma, zal de transactie voorgelegd worden aan de Belgische mededingingsautoriteiten .

Vooruitzichten

In 2017 heeft Roularta Media Group te maken gehad met een daling van de reclamebestedingen, met de kosten van de investeringen in de lancering van nieuwe projecten zoals het e-commerceplatform Storesquare en met andere éénmalige kosten. Roularta verwacht dan ook een negatieve EBIT. Voor het boekjaar 2017 wordt geen dividend voorzien.

In 2018 zorgen lagere kosten, de nieuwe 50% participatie in Mediafin (Tijd/Echo), de recente acquisities Landleven (Nederland) en Sterck (Antwerpen en Limburg) en de andere nieuwe activiteiten, voor een positieve bijdrage.

Daarenboven wordt voor 2018 verwacht dat een belangrijke meerwaarde wordt geboekt van ongeveer 145 miljoen euro op de aandelen Medialaan, na de closing van de transactie in het eerste kwartaal.

Vanaf 2019 dalen voor Roularta de financiële kosten met ongeveer 4,5 miljoen door de terugbetaling van een obligatielening van 100 miljoen euro en dalen de leasingkosten met ongeveer 9 miljoen door de afronding van de Econocom-contracten.

Roularta Media Group heeft belangrijke toekomstkeuzes gemaakt door in te zetten op consolidatie en innovatie binnen het kader van haar kernactiviteiten. Na het afstaan van de Medialaan 50%-participatie aan de Persgroep is de beoogde mogelijke overname van de Sanoma-titels, naast de investering in Mediafin en de andere recente overnames, een belangrijke aanzet om ook de komende jaren verder een gezonde groei te realiseren.


aandeelhouders RMG

Uit het persbericht van Sanoma Group, Helsinki:
“We have now finalized our major portfolio restructuring in our Media business in the Netherlands and Belgium with the divestment of the Dutch SBS TV business last year, and now the Belgian women’s magazine titles. The Belgian magazine titles will have more synergies with RMG than with our Dutch magazine business and that will give these titles and the team working on them better prospects for future development. Our remaining magazine and online portfolio predominantly in the Dutch market has good market positions, which provide excellent opportunities for continued success,” says Susan Duinhoven, President and CEO of Sanoma.
LT
13 januari 2018: poedermelk van Lactalis besmet met salmonella - reportage TF1 gedeeltelijk in spiegelbeeld uitgezonden
Edited: 201801132358
De reportage van TF1 over de salmonella-besmetting van Lactalis-producten werd gedeeltelijk in spiegelbeeld uitgezonden, vooral wanneer merknamen in beeld werden gebracht. Toeval?
De besmetting werd reeds in december 2017 ontdekt en een groot aantal loten van de babymelk werden teruggeroepen.
De Lactalis-groep kijkt aan tegen honderden klachten die ook juridische gevolgen moeten hebben.
op 10 december 2017 verspreidde Lactalis volgend persbericht:


Opvallend is de lange periode (vanaf 15/2/2017) die Lactalis vermeld voor de teruggeroepen producten. Die zijn op het moment van het terugroepen wellicht in ruime mate geconsumeerd door de baby's.
EU
Staatssteun: Commissie opent diepgaand onderzoek naar fiscale behandeling van Inter IKEA door Nederland
Edited: 201712181222
Margrethe Vestager , commissaris voor mededingingsbeleid: "Alle ondernemingen, groot of klein, multinational of niet, moeten hun eerlijk deel van de belastingen betalen. Lidstaten mogen niet toelaten dat bepaalde ondernemingen minder belastingen betalen door hen toe te staan hun winsten kunstmatig naar een ander land te verschuiven. Wij zullen de fiscale behandeling van Inter IKEA door Nederland nu grondig onderzoeken."



Het personeelsbestand volgens de geconsolideerde balans 2016:


De accountant van dienst was (is) Ernst & Young.


het volledige persbericht
Persbericht Vivaqua / LT
Akkoord tussen VIVAQUA en zijn Vlaamse vennoten
Edited: 201705241663
24 mei 2017
De Raad van Bestuur van VIVAQUA heeft zopas de intentieverklaring over de uittreding van Vlaamse gemeenten uit de intercommunale unaniem goedgekeurd.

Sinds de zesde staatshervorming zijn al de activiteiten in verband met de watercyclus volledig gewestelijke materie geworden. Op basis van een samenwerkingsakkoord die de drie gewesten in 2014 hebben afgesloten, kunnen de gemeenten bovendien uit een intercommunale treden als die intercommunale niet onder het toezicht staat van het gewest waartoe die gemeenten behoren. In dit kader hebben meerdere Vlaams-Brabantse gemeenten-vennoten van VIVAQUA te kennen gegeven dat ze de intercommunale willen verlaten.

De besprekingen die de voorbije weken werden gevoerd tussen vertegenwoordigers van de Vlaamse vennoten in kwestie en VIVAQUA hebben geleid tot een intentieverklaring waarin de uittredingsbepalingen worden vastgelegd. Deze intentieverklaring werd op woensdag 24 mei bekrachtigd door de Raad van Bestuur van VIVAQUA en zal, in de komende weken ter goedkeuring worden voorgelegd aan de gemeenteraden van de gemeenten-vennoten.
Met dit akkoord en in het belang van de betrokken klanten hebben beide partijen erop toegezien dat bij de overdracht van de activiteiten op 1 januari 2018 de continuïteit van die activiteiten zo goed mogelijk wordt gevrijwaard. Zo zullen het personeel dat vandaag wordt ingezet voor de activiteiten in de Vlaamse gemeenten, de infrastructuur en het materieel worden overgedragen aan de entiteit die door elk gemeente wordt aangewezen om de waterdistributie op haar grondgebied te verzorgen. Een aantal van die gemeenten heeft zich nu al uitgesproken voor het onderzoek van de oprichting van een nieuwe intercommunale in Vlaams-Brabant.

In het akkoord is ook opgenomen dat VIVAQUA gedurende 18 jaar water blijft leveren aan de Vlaamse gemeenten.

Tot slot verbinden de Vlaamse gemeenten er zich met dit akkoord toe om zich niet meer te verzetten tegen de fusie tussen VIVAQUA en HYDROBRU, die een grote stap is in de vereenvoudiging van de Brusselse watersector.

Noot LT: Wat het persbericht niet vertelt: De Vlaamse gemeenten willen weg uit de intercommunale omdat door de fusie met Hydrobru ook de schuldenberg (er is sprake van 600 miljoen euro) van deze Brusselse intercommunale bij Vivaqua terecht komt.

De vennoten van Vivaqua zijn: Anderlecht, Braine-l'Alleud, Braine-le-Château, Brussel, Dilbeek, Drogenbos, Elsene, Etterbeek, Evere, Ganshoren, Grimbergen, Halle, Jette, Koekelberg, Kortenberg, Kraainem, Machelen, Merchtem, Ottignies-Louvain-la-Neuve, Oudergem, Schaarbeek, Sint-Agatha-Berchem, Sint-Genesius-Rode, Sint-Gillis, Sint-Jans-Molenbeek, Sint-Joost-ten-Node, Sint-Lambrechts-Woluwe, Sint-Pieters-Leeuw, Sint-Pieters-Woluwe, Steenokkerzeel, Tervuren, Ukkel, Vorst, Waterloo, Watermaal-Bosvoorde, Wemmel, Wezembeek-Oppem, Zaventem en de Intercommunale des Eaux du Centre du Brabant Wallon (IECBW).
Persbericht Vivaqua
VIVAQUA -2015 in enkele cijfers
Edited: 201606061461
06 juni 2016

Omzet: 292,4 miljoen euro
VIVAQUA heeft onlangs zijn balans voor 2015 voorgesteld. Het jaar is afgesloten met een omzet van 292,4 miljoen euro voor al zijn activiteiten samen: productie en distributie van drinkwater en sanering van afvalwater.

Productie: 135,6 miljoen m³
VIVAQUA is een zuivere intercommunale die actief is in de drie gewesten van het land en drinkwater levert aan ongeveer 2,25 miljoen mensen. In 2015 heeft VIVAQUA 135,6 miljoen m³ water geproduceerd, waarvan 59 % grondwater en 41 % oppervlaktewater. Van de totale productie is zowat 69 miljoen m³ geleverd aan het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, waar VIVAQUA de enige waterleverancier is. 46 miljoen m³ ging naar het Vlaamse Gewest en 17 miljoen m³ naar het Waalse Gewest.

Stabiel verbruik
Het leidingwaterverbruik van de Belgische gezinnen is het laagste in Europa. In het Brusselse Gewest bedraagt het zo ongeveer 96 liter per dag en per persoon. We zijn ver verwijderd van de 122 liter per dag en per persoon van 2002 ... Doordat de Brusselse bevolking elk jaar met ongeveer 1,5 % toeneemt, blijft het totale verbruik wel stabiel, net als de volumes die VIVAQUA levert.

Prijs van het water
Dankzij zijn inspanningen om de kosten te beheersen, heeft VIVAQUA in 2015 de waterverkoopprijs aan zijn intercommunales en gemeenten-klanten op het niveau van 2013 kunnen houden (geen indexering).
Voor 2016 zal deze prijs voor water in 't groot worden beïnvloed door de beslissing van het Waalse Gewest om de belasting op de winning van water dat tot drinkbaar water kan worden verwerkt, jaarlijks te indexeren. Deze automatische indexering wordt van kracht op 1 januari van elk jaar en gebeurt op basis van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Voor 2016 stijgt de Waalse belasting van 0,0756 euro/m³ naar 0,0769 euro/m³. Deze verhoging van 0,0013 euro/m³ wordt dus doorberekend in de prijs van het water dat VIVAQUA verkoopt aan zijn intercommunales en gemeenten-klanten. Voor 2016 werd de prijs van het water vastgelegd op 0,8207 euro/m³. Bij deze prijs komt, voor de gemeenten en instellingen die door het verdeelnet worden bevoorraad, nog de prijs voor deze dienstverlening (0,0584 euro/m³).
DS
aantal erkende asbestslachtoffers piekt van 181 in 2014 naar 292 in 2015
Edited: 201602191403
Op de website van het Asbestfonds moet u deze informatie niet gaan zoeken. Het laatste nieuwsbericht aldaar dateert van 28 maart 2012 (!).

Wij hebben het AFA op 20160219 volgend bericht gezonden:
Geachte,

De jaarcijfers 2015 van het Asbestfonds werden vandaag besproken in De Standaard.
Tot mijn verwondering is het laatste nieuwsbericht (persbericht) op uw website dat van 28 maart 2012 (!).
Heeft de wetgever u geen verplichting opgelegd tot jaarlijkse rapportering?

Graag enige verduidelijking.

Met hoogachting,
LT

Op 20160222 kregen wij volgend antwoord van de Communicatieverantwoordelijke van het Fonds voor de beroepsziekten (FBZ):
"Geacte heer Tessens,

We publiceren jaarlijks enkele cijfers over het Asbestfonds (AFA) in het jaarverslag van het Fonds voor de beroepsziekten (FBZ). Het AFA behoort immers tot het FBZ.
U vind deze jaarverslagen hier:
jaarverslagen
Daarnaast publiceren we op regelmatige basis ook een nieuwsbrief met meer informatie over het Asbestfonds.
De afgelopen twee jaren was er onder meer informatie te vinden over het AFA in de nieuwsbrieven 34, 35, 38 en 44. U kan deze hier vinden:
nieuwsbrieven

Zoals u ziet, staat al deze informatie op de website van het FBZ en niet op deze van het AFA. We begrijpen dat dit vreemd kan lijken.
Uw vraag is dus terecht. We gaan proberen dat hier op te lossen.
Ondertussen adviseer ik te kijken op de bovenvermelde pagina's.
Met vriendelijke groeten,
Alexander Van de Sande
Communicatieverantwoordelijke
Fonds voor de beroepsziekten
Sterrenkundelaan 1 - B-1210 Brussel
Tel : +32 (0)2 - 226 67 27
Gsm: +32 (0)485 - 58 73 96"

Er is dus beterschap in de maak.

Toch nog een inhoudelijke bemerking:
De wet bepaalt (...) dat een vergoeding door het Asbestfonds het slachtoffer de mogelijkheid ontneemt een vordering voor de rechtbank in te stellen tegen de aansprakelijke derde (bijvoorbeeld de werkgever), behalve wanneer deze de ziekte opzettelijk heeft veroorzaakt.
Commentaar LT: De verantwoordelijkheid van de werkgever (bvb. Eternit) wordt hierdoor dus afgewenteld op de gemeenschap en dat volgens het adagium 'privatisering van de baten, collectivisering van de lasten'. De vergoeding die het Asbestfonds uitkeert staat in feite gelijk met een ordinaire afkoopsom. Rest de vraag of deze regeling de toets aan art. 1382 BW doorstaat.


website Asbestfonds

persbericht Telenet
Commissie keurt overname Base door Telenet goed
Edited: 201602042240
Donderdag 4 februari 2016 — De Europese Commissie heeft vandaag bekendgemaakt dat zij haar goedkeuring geeft aan de geplande overname van BASE Company door Telenet. In april 2015 kondigde Telenet aan dat het een definitieve overeenkomst had gesloten om BASE Company over te nemen van Koninklijke KPN N.V., om zijn toekomst als toonaangevende aanbieder van geïntegreerde telecomdiensten veilig te stellen. Nu de Europese Commissie haar goedkeuring heeft gegeven zal de overname van BASE Company in de komende dagen juridisch afgerond kunnen worden.

In april 2015 maakte Telenet bekend dat het een definitief akkoord had gesloten om BASE Company voor €1.325 miljoen over te nemen van Koninklijke KPN N.V. De transactie werd op 17 augustus 2015 door Liberty Global (als meerderheidsaandeelhouder van Telenet) aangemeld bij de Europese Commissie. Vandaag maakte de Europese Commissie bekend dat zij na grondig onderzoek haar goedkeuring geeft voor de geplande overname van BASE Company door Telenet. Telenet plant de overname in de komende dagen juridisch af te ronden.

Door deze overname zal Telenet eigenaar worden van een mobiel netwerk. Hierdoor zal Telenet effectief verdere groeiopportuniteiten kunnen benutten in de mobiele telecommarkt. Telenet hoopt op deze manier te kunnen voldoen aan de stijgende vraag van zowel particuliere als zakelijke klanten naar het volledige scala van vaste en mobiele telecomdiensten.

Op 19 november 2015 bevestigde Telenet dat het voorwaardelijke overeenkomsten had afgesloten met MEDIALAAN voor, onder andere, de verkoop door BASE Company van alle JIM Mobile klanten en van haar 50% belang in VikingCo NV, de entiteit die het ‘Mobile Vikings’ merk uitbaat in België, aan MEDIALAAN. Deze overeenkomsten werden aangegaan in het kader van het onderzoek van de Europese Commissie naar de voorgestelde overname van BASE Company.

Door het groen licht van de Europese Commissie en de recente goedkeuring van de transactie met MEDIALAAN door de Belgische Mededingingsautoriteit, zal de verkoop door BASE Company van haar 50% belang in VikingCo NV aan MEDIALAAN kunnen voltooid worden nadat de overname van BASE Company door Telenet afgerond is.

Op termijn zal BASE ook de JIM Mobile klanten overdragen aan MEDIALAAN en zal MEDIALAAN een ‘full MVNO’ speler worden op het BASE netwerk, voor zowel de JIM Mobile als de Mobile Vikings klanten. De transactie creëert voor MEDIALAAN het platform om een nieuwe, performante MVNO-speler te worden.


John Porter, CEO Telenet: “Wij hebben constructief samengewerkt met de Europese Commissie tijdens het onderzoek en hadden het volste vertrouwen in de goedkeuring van de transactie. We zijn erg blij met deze belangrijke strategische en complementaire overname. Dit is een historische stap in de geschiedenis van Telenet en van BASE Company. Nu we verzekerd zijn van het kunnen aanbieden van mobiele diensten op lange termijn, zullen we in staat zijn om een betere ervaring te bieden voor zowel onze klanten als de klanten van BASE Company. We kijken er naar uit om hieraan samen te werken met de collega’s van BASE Company.”
Brussels Nieuws / Belga
Kortrijkse vastgoedontwikkelaar bouwt Corelio-site in Groot-Bijgaarden verder uit
Edited: 201602040106
De Kortrijkse vastgoedontwikkelaar Futurn heeft de 5 hectare grote site van mediagroep Corelio aan de Gossetlaan in Groot-Bijgaarden verworven. Corelio zal de gebouwen die het momenteel al betrekt, tot eind 2021 huren van Futurn. Op de overige twee hectare zal de vastgoedontwikkelaar een bestaand pand renoveren en nieuwe bedrijfsgebouwen optrekken. Dat wordt woensdag gemeld in een persbericht.

De site van Corelio in Groot-Bijgaarden.
Door de huurovereenkomst kan Corelio de activiteiten (drukkerij, redactie, advertising, ondersteunende diensten...), die ze in deze gebouwen samen met haar dochtervennootschappen Mediahuis en Coldset Printing Partners ontplooit, nog tot eind 2021 op deze plaats voortzetten. "Hierdoor kunnen we beslissingen over de huisvesting van onze activiteiten in Groot-Bijgaarden voorlopig uitstellen en evalueren in het licht van toekomstige marktevoluties", aldus Bruno de Cartier, gedelegeerd bestuurder van Corelio.

Tegelijk werden delen van de site die onderbenut waren, onder meer als gevolg van de verhuizing van de redactie van het Nieuwsblad naar de Mediahuis-vestiging in Antwerpen, tegen interessante voorwaarden gevaloriseerd. Futurn wil op de overige 2 hectare van de site, die momenteel voor een groot deel gebruikt wordt als parking, nieuwe bedrijfsgebouwen realiseren met een totale vloeroppervlakte van 12 tot 15.000 vierkante meter.

"Er is op deze bedrijvenzone veel mogelijk gaande van werkruimtes, ateliers, opslag tot kantoorachtige bedrijven. Aan de gemeente Dilbeek willen we binnenkort enkele varianten van masterplannen voorleggen. We hopen tegen eind dit jaar te kunnen beginnen met de bouw. Eén leegstaand gebouw willen we renoveren, een ander afbreken. De investering zal een paar tientallen miljoenen euro bedragen", aldus Frederik Baert, gedelegeerd bestuurder van Futurn.
Neutraal Syndicaat voor Zelfstandigen - Persbericht
Aantal krantenwinkels in België daalt: 4.132 in 2009, 3.606 eind 2013, 3.424 eind 2014 - De trend werd reeds in de jaren 80 ingezet toen benzinestations en warenhuizen kranten gingen verkopen - Maar zelfstandigen maken zelden een vuist
Edited: 201511241216
Het aantal krantenwinkels in ons land is het afgelopen jaar met 5 procent gedaald. Eind 2014 waren er nog 3424 krantenwinkels actief in ons land, zo blijkt uit cijfers van de FOD Economie. Gemiddeld verdwenen er vorig jaar 3,5 krantenwinkels per week. Persverkopers hebben het vooral moeilijk met het contract tussen de overheid en Bpost voor de postbedeling van kranten en magazines. Ze beschouwen het als oneerlijke concurrentie ten opzichte van de krantenrondes die voor hen steeds beperkter worden. Ook de stijgende populariteit van online gokken, aangemoedigd door de Nationale Loterij, zorgt voor inkomstenverlies bij de krantenwinkels. “Vaak zit er voor hen niets anders op dan hun aanbod te diversifiëren met bijvoorbeeld speelgoed, wenskaarten of papierwaren of als afhaalpunt te fungeren voor bestellingen bij webwinkels”, weet Christine Mattheeuws, voorzitter van NSZ.
Het aantal krantenwinkels daalt zienderogen. Eind 2014 bestonden er, zo blijkt uit cijfers van de FOD Economie, nog 3424 krantenwinkels in ons land. Dat zijn er 5 procent minder dan een jaar voorheen (toen er nog 3606 krantenwinkels waren) en maar liefst 17 procent minder dan vijf jaar tevoren (in 2009, toen er nog 4132 persverkopers actief waren). Vorig jaar waren er 182 krantenwinkels minder, dat komt overeen met 3,5 gesloten krantenzaken per week.

Krantenwinkels hebben het vooral moeilijk met de oneerlijke concurrentie die Bpost hen bezorgt qua bedeling van kranten en magazines. Een goede maand geleden haalde Bpost opnieuw het overheidscontract binnen om kranten en magazines te verdelen en dat tot en met 2021. Het bedrijf krijgt daarvoor van de overheid een jaarlijkse vergoeding die naar schatting rond de 170 miljoen euro ligt. Vermits ook steeds meer kranten- en magazine-uitgevers hun lezers middels promoties en incentives aanzetten tot het nemen van een abonnement, die dan door Bpost gebust worden, zien krantenhandelaars niet alleen hun krantenrondes fel terugnemen, maar ook de verkoop in de winkel zelf. Wetende dat de verkoop van kranten en magazines goed is voor één derde van hun omzet, is het duidelijk dat die concurrentie sporen nalaat.

Een ander derde van hun omzet halen krantenwinkels uit de verkoop van allerlei loterijproducten, maar ook op dat vlak ondervinden persverkopers steeds meer concurrentie, voornamelijk van het online gokken dan. Zelfs de Nationale Loterij zet stevig in op online gokken, waardoor de verkoop van krasbiljetten en andere loterijspelletjes in de krantenwinkels achteruitboert. Tot slot valt op dat steeds ook meer niet-gespecialiseerde winkels zoals grootwarenhuizen en tankshops kranten en tijdschriften aanbieden. “De klassieke krantenwinkel raakt door al die evoluties stilaan in de verdrukking en zal sowieso moeten vernieuwen om te overleven”, stelt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws vast. “Omdat de aankoop van producten via webwinkels in de lift zit, is het bijvoorbeeld raadzaam om als afhaalpunt te fungeren. Daarnaast kan ook het productgamma uitgebreid worden met speelgoed, boeken, wenskaarten of papierwaren. Zo’n breder aanbod zal sowieso meer klanten aantrekken.”
Het zal volgens NSZ in ieder geval de uitdaging zijn voor de uitgevers, maar ook voor de loterij en de overheid om op verstandige manier met de sector om te springen, want krantenwinkels bieden een unieke service. De overgrote meerderheid van de dagbladhandelaars zijn eenmanszaken die reeds om 6 uur ’s morgens hun winkel openen en dat 6 dagen op 7. Deze service kan niet geboden worden door de grootwarenhuizen en zelfs niet door de abonnementendienst van de krant. Bovendien hebben persverkopers vaak een belangrijke rol bij het werven van klanten: de gratis producten bij een krant of tijdschrift kunnen vaak enkel bekomen worden bij de krantenwinkel. In die zin blijven zij een onmisbare partner voor de uitgevers van kranten en magazines. De ondernemersorganisatie is in ieder geval tevreden dat CD&V-kamerleden Griet Smaers en Leen Dierick in een resolutie pleiten voor financiële ondersteuning van de krantenwinkel.
Avaaz
Persbericht: Stop de Nederlandse vriendjespolitiek - Pleidooi tegen enge partijpolitiek
Edited: 201511022351
Beste vrienden,

Sinds decennia worden de burgemeesters, leden van adviesraden and hogere ambtenaren grotendeels benoemd in achterkamertjes, waarbij de grote politieke partijen bepalen wie de baan krijgt. Dit is in strijd met onze meest basale democratische principes.

We zien het steeds opnieuw. Wanneer een baan in het openbaar bestuur open komt, kan iedereen solliciteren, maar “Als je geen partijlid bent, maak je geen schijn van kans” -- hoe gekwalificeerd of ervaren je ook bent.

Maar er is een oplossing. Meer Democratie heeft een campagne gelanceerd om de juridische loopholes te schrappen en een onafhankelijke commissie in te stellen die de eerlijkheid en openheid van alle benoemingen bewaakt. Volgens peilingen steunt 70% van de Nederlanders deze hervorming.

Als we nu op korte termijn 40.000 handtekeningen indienen, dan is de Tweede Kamer verplicht om ons voorstel te bespreken en erover te stemmen -- dit is de beste kans die we hebben om ervoor te zorgen dat onze stem luid en duidelijk wordt gehoord. Klik hieronder om een einde te maken aan deze vriendjespolitiek die in strijd is met onze grondwet.


Slechts 2,5% van de volwassen Nederlanders zijn lid van een politieke partij. Wij, de overige 97,5%, worden vanaf het begin uitgesloten. Dat is niet alleen oneerlijk, het is ook een verspilling van talent, omdat de overheid de skills mist van een enorme hoeveelheid hoog gekwalificeerde mensen.
Laten we eens de burgemeesters bekijken. Van de circa 400 gemeenten hebben er niet minder dan 336 een CDA-, PvdA- of VVD-burgemeester (in 2014). De lokale partijen kregen 24% van de stemmen in 2014, maar slechts 3% van alle burgemeestersposten.

Het is ook slecht voor de onafhankelijkheid van alle adviesraden en onderzoekscommissies. Er zijn er honderden -- van de Raad van State en de Nationale Rekenkamer tot aan het Commissariaat voor de Media. Zij moeten de regering onafhankelijk advies geven en hun daden controleren. Het is niet goed als zij gevuld zijn met mensen die allemaal uit dezelfde partijen komen, die elkaar persoonlijk kennen en die elkaar aan banen helpen.

Onze Grondwet zegt dat alle Nederlanders op gelijke voet in openbare dienst benoembaar zijn en dat discriminatie op politieke gronden is verboden. Maar een weinig bekend artikel 5.4 in de Wet Gelijke Behandeling maakt opeens een uitzondering voor publieke benoemingen. Op die manier kunnen zelfs rechters niets doen voor mensen die vermoeden dat zij werden gediscrimineerd.

Deze juridische loophole moet worden afgeschaft. In plaats daarvan zou Nederland het Britse systeem kunnen volgen, dat sinds 150 jaar een Civil Service Commission heeft wiens belangrijkste taak is het voorkomen van partijpolitieke benoemingen en het zorgen voor eerlijke en open benoemingen die zijn gebaseerd op verdienste.

Laten we dit systeem nu veranderen en onze democratie naar een hoger niveau tillen.

Avaaz is een internationaal campagnenetwerk van 41 miljoen mensen en streeft ernaar dat internationale besluitvorming wordt bepaald door inzichten en waarden van de wereldbevolking. ("Avaaz" betekent "stem" of "lied" in veel talen.) Avaaz heeft leden in alle landen van de wereld; ons team is verspreid over 18 landen in 6 werelddelen en werkt in 17 talen.
BRAAMBOS
MINISTER GATZ DOET LICHT UIT BIJ BRAAMBOS
Edited: 201510221234
Persbericht Braambos
Minister Gatz heeft beslist dat vanaf 1 januari 2016 de levensbeschouwelijke verenigingen niet langer zendtijd krijgen op de VRT. Dit betekent dus dat de uitzendingen van Braambos, zowel op radio als televisie ophouden te bestaan.
Uiteraard betreuren wij dat in de Vlaamse regering geen meerderheid kon gevonden worden om die uitzendingen te laten bestaan. Uiteindelijk wordt op die manier slechts 1.153.921 euro bespaard (voor alle levensbeschouwingen samen, zowel op radio als televisie), een peulschil als je dat afzet tegen het geheel van de Vlaamse begroting.
Merkwaardig is dat amper een paar weken gebleken het Vlaamse parlement een resolutie stemde tegen radicalisering. Het zijn juist de erkende levensbeschouwelijke verenigingen die de beste dam opwerpen hiertegen blijkt uit onderzoek.
Met de collega s van de andere levensbeschouwelijke organisaties hebben we tot nu toe in een opbouwende samenwerking gestreefd om bij te dragen aan een open en verdraagzaam Vlaanderen door positief te berichten over geloof en levensbeschouwing. Die opdracht is ons nu ontnomen.

Bekijk brief overheid:

Commentaar LT:
De afschaffing van de zendtijd voor levensbeschouwelijke 'derden' lijkt ons terecht in een staat waar men kerk en staat gescheiden wil houden. De openbare omroep, gefinancierd door de belastingbetaler, mag geen plaats zijn om achterhaalde boodschappen te verspreiden. Overigens vinden wij dat elke subsidiëring van godsdiensten moet stoppen. De secularisering mag geen dode letter blijven.
VVSG
PERSBERICHT: Kadastraal inkomen. Gemeenten verbolgen over Vlaamse besparing op hun kosten
Edited: 201510091006
De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten protesteert met klem tegen het voornemen van de Vlaamse regering om hen niet langer te compenseren voor Vlaamse belastingkortingen toegekend aan industriële bedrijven. ‘Vlaanderen lost de eigen budgettaire problemen op door ze gewoon te verschuiven richting de gemeenten’, zegt Luc Martens, voorzitter van de VVSG.

Waarover gaat het?
Net als gronden en gebouwen krijgen ook machines (in het jargon ‘materieel en outillages’) van industriële bedrijven een kadastraal inkomen (KI) toegekend. De voorbije jaren heeft de Vlaamse overheid stelselmatig stukken van dat KI belastingvrij gemaakt, volgens het ritme waarin bedrijven investeren in nieuwe machines. Om te vermijden dat gemeenten hiervan de dupe zouden worden – via de opcentiemen op de onroerende voorheffing krijgen ze op basis van dat KI ook belastinginkomsten – compenseerde de Vlaamse overheid de gemeenten voor de verloren inkomsten, en trad eigenlijk op als derde betaler. In 2014 was al 22% van de KI’s op machines vrijgesteld, en gaf de Vlaamse overheid voor de gemiste belastingen aan de gemeenten een compensatie van 47,9 miljoen euro.
Voor de begrotingsopmaak van 2016 heeft de Vlaamse regering nu beslist om deze compensatie, op 13 miljoen euro na, stop te zetten. De Vlaamse gemeenten verliezen dus onmiddellijk 35 miljoen euro per jaar. Maar naarmate de bedrijven de komende jaren verder investeren in nieuwe machines, zullen de KI-vrijstellingen toenemen en kunnen de gemeentelijke jaarlijkse verliezen oplopen tot 150 miljoen euro.

Reactie VVSG

Op 8 oktober stuurde de VVSG hierover onderstaande brief naar de top van de Vlaamse regering:

De raad van bestuur van de VVSG wijdde op 7 oktober een uitgebreide bespreking aan de beslissing van de Vlaamse regering om de gemeenten vanaf 2016 niet langer te compenseren voor de gevolgen van het belastingvrij worden van het kadastraal inkomen op materieel en outillage (KI mat&out).
De raad van bestuur reageerde verbolgen op deze begrotingsmaatregel, en wel om verschillende redenen.
Ten eerste leidt de beslissing, in het midden van de lokale budgetopmaak, voor veel gemeenten tot een plotse en onvoorspelbare minderontvangst. U weet dat de opmaak van de meerjarenplanning 2014-2019 in veel gemeenten in zeer moeilijke omstandigheden is verlopen, en dat het allesbehalve vanzelfsprekend geweest om daarbij te voldoen aan de door Vlaanderen opgelegde budgettaire evenwichten, én bovendien ook de dienstverlening en de lokale investeringen maximaal te vrijwaren. Het is dan ook bijzonder pijnlijk dat dezelfde overheid die de financiële evenwichten oplegt aan lokale besturen nu een maatregel neemt die het voor hen nog moeilijker maakt om die te bereiken. De maatregel KI mat&out dreigt het grondige saneringswerk dat op vele plaatsen is gebeurd overhoop te halen, waardoor gemeenten tot nieuwe pijnlijke ingrepen worden verplicht.
Ten tweede vindt de raad van bestuur het absoluut niet kunnen dat deze beslissing zonder enige vorm van voorafgaand overleg werd genomen. Nochtans was de vrijstelling van het KI mat&out, gekoppeld aan een compensatie van de belastingverliezen van de gemeenten, een essentieel onderdeel van het Lokaal Pact van 2008, waarvan na een evaluatie in 2013 trouwens werd beslist om beide elementen (de belastingvrijstelling én de compensatie) voort te zetten. Het politieke akkoord van het Lokaal Pact wordt nu eenzijdig gebroken door de Vlaamse regering, wat niet getuigt van interbestuurlijke loyaliteit.
Ten derde weten we dat de maatregel voor 2016 begroot wordt op netto ca. 35 miljoen, maar door bijkomende bedrijfsinvesteringen de komende jaren kan oplopen tot 150 miljoen euro. Voor zover we nu weten, voorziet de beslissing van de Vlaamse regering nergens in het sluiten van dit open einde. Dit is vanuit de gemeenten bekeken totaal onaanvaardbaar. Het zijn niet de gemeenten die beslist hebben om te voorzien in een graduele vrijstelling van de KI’s op materieel en outillage. De Vlaamse overheid heeft hiertoe besloten en moet hiervoor dan ook zelf de budgettaire verantwoordelijkheid dragen.

We begrijpen dat Vlaanderen gedurende enkele jaren nog zou voorzien in een vaste compensatie van 13 miljoen euro. Voor de verdeling van dat bedrag kijkt men ook naar de groei van het Gemeentefonds 2013-2014. We stellen vast dat dit leidt tot vreemde effecten in de individuele gemeentelijke situaties. De vraag rijst zelfs of dit voorstel de toets aan het gelijkheidsbeginsel kan doorstaan.

De eisen van de VVSG zijn duidelijk:
- Het intrekken van deze maatregel. Als Vlaanderen de compensatie niet langer kan financieren, mag het de factuur ervan niet zo maar naar een andere overheid doorschuiven.
- Als men toch doorgaat met de beslissing, moet op zijn minst het ‘open einde’ (de verder oplopende factuur de komende jaren naarmate meer KI mat&out belastingvrij wordt) worden gesloten.

Gemeenten hebben ons intussen gesignaleerd dat, als Vlaanderen hier toch mee doorgaat, ze niet anders zullen kunnen dan de investeringen verder terugschroeven. Dat zou dramatisch zijn, niet alleen voor de uitbouw en het onderhoud van het publieke patrimonium, maar ook voor de duizenden banen in de bouwsector en elders die rechtstreeks samenhangen met de gemeentelijke investeringen.
Verder vrezen besturen dat deze maatregel wel eens zou kunnen leiden tot een wellicht ongewenste lokale ‘tax shift’, waarbij besturen ter compensatie de belastingen op drijfkracht gaan optrekken (of opnieuw invoeren), of de opcentiemen OV optrekken waardoor gezinnen én bedrijven opdraaien voor deze maatregel.

We vernemen dat tijdens de begrotingsbesprekingen geregeld werd verwezen naar de blijvende 3,5% groei van het Gemeentefonds, ‘terwijl alle andere sectoren en departementen moeten inleveren’. Vooreerst willen we bevestigen dat de raad van bestuur van de VVSG deze aangehouden stijging van het Gemeentefonds sterk apprecieert en naar waarde schat. We verwijzen er ook telkens naar in onze publicaties. Toch weet u ook dat die stijging niet mag los gezien worden van andere (Vlaamse en federale) maatregelen die op de lokale budgetten afkomen. Slechts enkele voorbeelden als illustratie:
- Vlaamse maatregelen: de besparing van ca. 10 miljoen euro op de zeven sectorale subsidies die nu naar het Gemeentefonds gaan, én de beslissing om ze niet langer te indexeren; de besparing van 5% of ca. 18 miljoen euro bij de regularisatie van de gesco’s en de beslissing om de nieuwe subsidie niet te koppelen aan de evolutie van de loonkosten (de vroegere korting werkgeversbijdrage was hier wel aan gekoppeld); het verdwijnen van de middelen voor de milieuconvenant; de verlaging en zelfs schrapping van een aantal stromen voor monumentenzorg
- Federale maatregelen: de vennootschapsbelasting op intercommunales (totaal geschat op 200 miljoen euro, dus ca. 120 miljoen minderontvangsten voor de Vlaamse gemeenten); de vermindering van de federale dotatie voor de politie met 2%; de invoering van de hulpverleningszones, met een ontoereikende financiering; de voortdurende stijging van de pensioenuitgaven, die voor de Vlaamse gemeenten, OCMW’s en politiezones elk jaar ongeveer even groot is als de bijkomende middelen uit het Gemeentefonds. In het pensioendossier nemen de lokale besturen een veel grotere budgettaire verantwoordelijkheid op zich dan de andere overheden.
Daar komen de volgende jaren wellicht nog de gevolgen van de federale tax shift bij. Verder blijven de lokale besturen hoogstwaarschijnlijk verstoken van de positieve effecten van de federale verlaging van de werkgeversbijdragen naar 25% en is het bijzonder onzeker dat de verlaging van de btw op schoolgebouwen (wat overigens een zeer goede maatregel is) binnen Europa zal kunnen stand houden.
De groei van het Gemeentefonds met 3,5% betekent dus in geen geval dat de lokale besturen totaal buiten de budgettaire malaise blijven, integendeel.

Namens de raad van bestuur willen we u uitdrukkelijk vragen om de genoemde maatregel te heroverwegen. De VVSG blijft, zoals voorheen trouwens, bereid om hierover met de Vlaamse regering het debat aan te gaan.

Hoogachtend,

Luc Martens, voorzitter VVSG
Stijn Quaghebeur, voorzitter raad van bestuur VVSG
VAN ROOY Wim
Waarover men niet spreekt. Bezonken gedachten over postmodernisme, Europa, islam.
Edited: 201510071210
Hardcover, genaaid, gebonden, leeslint, 656 pp., winkelprijs: 27,50 EUR
Persbericht van Uitgeverij De Blauwe Tijger:
Even leek Waarover men niet spreekt van Wim van Rooy niet te zullen verschijnen. De publicatie van dit kennelijk ‘gevaarlijke’ boek bleek niet evident, wat de noodzaak ervan bewijst. Dankzij Uitgeverij De Blauwe Tijger is het boek weldra verkrijgbaar.
De politieke elite, de mainstream media en de intellectuele klasse collaboreren met instellingen en ideeën die nefast zijn voor een gezonde samenleving. Er wordt volop gecapituleerd voor de vijanden van de democratische rechtsstaat en de vrije samenleving. In deze vlammende ‘J’accuse’ moeten de heilige huisjes van Vlaanderen en Europa anno 2015 eraan geloven. Met knipogen naar eigen belevenissen van vroeger en nu, hakt Van Rooy in op de EU, de multiculturele samenleving, de soldatengodsdienst die de islam volgens hem is en de intellectuele erfenis van mei ’68, waar hij zelf een product van is.
Waarover men niet spreekt is een polemisch-biografisch getint vervolg op de bestseller De malaise van de multiculturaliteit (2008), waarvoor Van Rooy de Vlaamse Paul Scheffer werd genoemd. Met zijn nieuwe boek wordt hij ongetwijfeld de Vlaamse Éric Zemmour. Met Woord vooraf van Paul Cliteur en een indrukwekkende lijst aanbevelingscitaten.
Op de cover een uitspraak van Etienne Vermeersch: 'Ik ben ervan overtuigd dat een verlichte islam mogelijk is, maar dit boek brengt mijn vertrouwen hierop in het gedrang.'
News
Volkswagen knoeit met emissiewaarden van diesels. Aandeel crasht. Winterkorn geeft fraude toe.
Edited: 201509220010
Dienen hoge verloningen van CEO's als zwijggeld?
De merken van de VW-groep: Volkswagen-Personenkraftwagen, Audi, Lamborghini, Bugatti, Ducati, Škoda, Seat, Bentley, Porsche; Bedrijfsvoertuigen: Volkswagen-Lastkraftwagen, Scania, MAN.

Persbericht VW:
Erklärung des Vorstandsvorsitzenden der Volkswagen AG, Professor Dr. Martin Winterkorn:
Die US-Behörden CARB und EPA haben die Öffentlichkeit in den USA darüber informiert, dass bei Abgastests an Fahrzeugen mit Dieselmotoren des Volkswagen Konzerns Manipulationen festgestellt worden sind und damit gegen amerikanische Umweltgesetze verstoßen worden ist.
Der Vorstand der Volkswagen AG nimmt die festgestellten Verstöße sehr ernst. Ich persönlich bedauere zutiefst, dass wir das Vertrauen unserer Kunden und der Öffentlichkeit enttäuscht haben. Wir arbeiten mit den zuständigen Behörden offen und umfassend zusammen, um den Sachverhalt schnell und transparent vollumfänglich zu klären. Hierzu hat Volkswagen eine externe Untersuchung beauftragt.
Klar ist: Volkswagen duldet keine Regel- oder Gesetzesverstöße jedweder Art.
Das Vertrauen unserer Kunden und der Öffentlichkeit ist und bleibt unser wichtigstes Gut. Wir bei Volkswagen werden alles daran setzen, das Vertrauen, das uns so viele Menschen schenken, vollständig wiederzugewinnen und dafür alles Erforderliche tun, um Schaden abzuwenden. Die Geschehnisse haben für uns im Vorstand und für mich ganz persönlich höchste Priorität.

Technische truuk: Die bestaat erin dat een chip detecteert wanneer de VW-diesel op de rollentestbank werd gezet; de emissie wordt dan teruggeschroefd.

Wellicht is de affaire slechts het topje van de ijsberg en wordt er op grote schaal geknoeid met de emissiewaarden. Voor alle duidelijkheid: in de Belgische stations voor Technische Controle worden de wagens op CO²-uitstoot gemeten niet op rollen maar in neutraal en plankgas.
Rekenhof
PERSBERICHT van 19 december 2014. Verslag aan het federale parlement:Beheer van de vastgoedbehoeften van de Staat door de Regie der Gebouwen
Edited: 201412281511
De Regie der Gebouwen beheert sinds 1971 de vastgoedbehoeften van de Staat. In 2006
heeft de wetgever de Regie voorzien van een directiecomité en de grote lijnen uitgezet
voor een nieuwe werking. Zo moest de Regie een interne controle en een interne audit
organiseren en werk maken van een meerjarenplanning van de vastgoedbehoeften
van de klanten. De implementatie van die nieuwe organisatie is niet voltooid. Zo
wordt de Regie nog altijd aangestuurd op basis van het managementplan 2009?2011.
Dat plan werd bijgewerkt noch vervangen, hoewel de regelgeving bepaalt dat het
jaarlijks moet worden aangepast.

In zijn internetverslag onderzoekt het Rekenhof de toepassing van de wet van 20 juli 2006
en de strategie van de Regie om aan de vastgoedbehoeften van haar klanten te voldoen. Het
maakt een algemene analyse van het internecontrolesysteem en evalueert twee van de drie
vakgebonden processen van de Regie (renovatie en grote werken, algemeen onderhoud).

Het Rekenhof stelt vast dat de doelstellingen van het managementplan 2009?2011, dat nog
steeds wordt gebruikt, stroken met de reorganisatie die de wetgever wenste. Ook stemmen
ze overeen met de strategische richtlijnen van de regering, zoals de ontwikkeling van een
doeltreffend vastgoedbeheer. De doelstellingen zijn echter relatief vrijblijvend, moeilijk te
evalueren en worden niet geconcretiseerd voor de verschillende niveaus van de organisatie.
De implementering van de nieuwe, in 2006 gewenste organisatie vereist overigens nog
maatregelen, zoals nieuwe delegatiebesluiten.

De interne controle bij de Regie is ontoereikend. Pas in 2014 werd een interne auditor
aangesteld. Gezien de trage vooruitgang tussen 2008 en 2012 heeft het directiecomité het
risicobeheer nieuw leven ingeblazen door een deskundige in dienst te nemen voor de interne
controle en door een project op te zetten om dat risicobeheer te verbeteren. Dit project moet
worden voortgezet en ontwikkeld.

De Regie beschikt overigens niet over voldoende kennis over de onroerende goederen die ze
beheert en over de bezetting ervan. Met de beschikbare gegevens kan onmogelijk aan
proactief beheer worden gedaan. Het Rekenhof concludeert dat een achterstand van enkele
jaren moet worden ingehaald om een complete en grondige kennis van het patrimonium te
verwerven.

De koninklijke besluiten waarin de wet sinds 2006 voorziet voor het verzamelen, het
analyseren en het programmeren van de behoeften, zijn nog niet genomen. De Ministerraad
keurde pas op 14 oktober 2013 ontwerpen in die zin goed. De Regie heeft heel wat vooruitgang
geboekt in het verzamelen en analyseren van verzoeken van klanten, maar de manier waarop
rekening wordt gehouden met het beschikbare personeel en budget om aan de behoeften te
voldoen, blijft vooralsnog onvoldoende duidelijk.

Het Rekenhof benadrukt ook dat klanten niet financieel geresponsabiliseerd worden voor de
kosten van hun huisvesting en de Regie niet voor haar optreden. Daarover nadenken zou
moeten leiden tot een vorm van contractgebonden werking.
De planning van de vastgoedprojecten is beperkt tot de lijst van de investeringen waarvoor
tijdens het jaar een vastlegging in de begroting is gepland. De planning zou rekening moeten
houden met de stappen vóór en na de begrotingsvastlegging. Informatie over de looptijd van
werkzaamheden kan onder meer klanten ertoe brengen hun behoeften te herzien en zo
nodeloos werk vermijden.

Een groot deel van de geplande investeringen is bovendien niet in de begroting vastgelegd.
De plaatselijke directies van de Regie beschikken niet over één dossier dat een investering
volledig weergeeft. De oorzaken van vertragingen worden niet geregistreerd. Ook worden
klanten niet systematisch op de hoogte gebracht van de vooruitgang en uitvoering van hun
projecten. Werven worden daarentegen wel regelmatig opgevolgd en gedocumenteerd.
In het kader van het risicobeheer zijn er diverse IT?toepassingen en acties gepland om
verzoeken van klanten beter te registreren en op te volgen. Ze zouden sneller moeten worden
ontwikkeld en veralgemeend.



UGent
De Belgische journalist in 2013: een zelfportret. Een onderzoek herbekeken.
Edited: 201411230402
Hoeveel verdient een journalist? Welke zijn de specialisaties? Vinden journalisten hun eigen werk goed? Blijkbaar ontkent bijna niemand dat er een probleem is. Ook de journalisten zelf geven dat toe. Lees meer daarover in dit onderzoeksrapport van de Universiteit Gent
En nog dit: In de aanloop naar de Werelddag voor Persvrijheid op 3 mei 2013 trok Beth Costa, secretaris-generaal van de International Federation of Journalists, aan de alarmbel. ‘De grootste bedreiging voor persvrijheid in Europa is de economische crisis.’ De voorbije jaren hebben minstens 14.790 Europese journalisten hun baan verloren. ‘Hoe kan je nog over persvrijheid spreken in een land zonder journalisten?’
Coste zei toen ook: "Een goede journalist staat met beide benen in de werkelijkheid, maar durft ook een beetje dromen over de toekomst en wil werken aan een eerlijkere maatschappij. Journalisten zijn er om de gemeenschap te dienen en te strijden voor democratie, mensenrechten en gerechtigheid."


Een kritische noot: Ik vraag me dan af of lezers, luisteraars en kijkers niet afhaken omdat ze juist die kwaliteiten niet meer terugvinden in hun kranten en in de journaals op radio en TV. In hoeverre heeft een gericht aanwervings- en ontslagbeleid van uitgevers juist niet geleid tot een verschraling van het nieuws? Want het mag dan beweerd worden dat een redactie een graad van onafhankelijkheid bezit, helemaal waterdicht is die uitspraak niet.

Er wordt ook beweerd dat de kranten zichzelf de das hebben omgedaan door het nieuws gratis op het internet te gooien. Het journalistenkorps vergeet dan dat zij het zijn geweest die in 1996 een betalende electronische persknipseldienst de grond in hebben geboord. Wij geven hier het persbericht van 17 december 1996 integraal weer.


"BELGA/De Tijd 17/12/1996
Knipseldienst Central Station houdt ermee op
(belga/tijd) - Central Station, de elektronische knipseldienst van de uitgevers, houdt ermee op. De Belgische dagbladuitgevers, aandeelhouders van Central Station, zien 'zich genoodzaakt de exploitatie te beëindigen', zo heeft de Belgische Vereniging van Dagbladuitgevers (BVDU) laten weten. De uitgevers, de journalistenbond en twee auteursrechtenverenigingen konden geen overeenstemming bereiken over de auteursrechten voor de elektronische verspreiding van redactionele producten. In het kader van het streven van de dagbladuitgevers om 'een cruciale rol te blijven vervullen in de multimediale samenleving van morgen' werd op 14 juli van vorig jaar Central Station met een kapitaal van 25 miljoen frank opgericht. De aandeelhouders waren elf Belgische uitgevers (zes Vlaamse, vier Franstalige en Grenz-Echo). Reeds verschillende maanden wordt het merendeel van de Belgische kranten door Central Station dagelijks verwerkt. Het belangrijkste probleem voor het jonge initiatief draaide rond de auteursrechten van de journalisten."


Als de geschiedenis van de teloorgang van de gedrukte pers in België ooit op een serieuze manier wordt geschreven, dan zal men alle schuiven moeten open trekken. Niet alleen die die het makkelijkst opengaan. Dat kan men aan historici, die een BV-status ambiëren, overlaten.
JUSTITIE
PG vraagt verjaring in cassatie-proces Eternit
Edited: 201411201247
Op 13/2/2012 werd Eternit in Turijn (ITA) veroordeeld en verantwoordelijk geacht voor de dood door asbestose van 3.000 mensen: de leiding kende de dodelijke gevolgen van asbestcement maar liet de productie gewoon doorgaan, zo oordeelde de rechter toen. Men spreekt van een misdaad op industriële schaal of een industriële misdaad. Eternit had vier fabrieken in Italië. Bij ons is de fabriek van Kapelle-op-den-Bos berucht. Op de kerkhoven errond is het stil en in de naburige dorpen zwijgt men liever.

De zaak tegen de Zwitserse topman en miljardair Stephan Schmidheiny was sindsdien hangende voor cassatie in Roma. De voorganger van Schmidheiny, de Belgische baron Louis de Cartier de Marchienne (Turnhout, 26/9/1921 – Arendonk, 21/5/ 2013), is inmiddels overleden*.

De PG, Francesco Iacoviello, vroeg nu onverwacht de verjaring en dus de stopzetting van het proces. Normaal verwacht je zo'n vraag van de verdediging. Ook abnormaal is deze vraag omdat ze zo snel volgt na een effectieve veroordeling. Wat twee jaar geleden nog behandeld werd, is vandaag verjaard en je zou denken dat rechtshandelingen de verjaring zouden stuiten. Niet zo dus in het Italiaanse gerecht (en in vele andere staten is het net zo).

De president van de Regio Piemonte, Sergio Chiamparino drukte zijn verrassing, ontgoocheling en diepe verontwaardiging zo uit: "Apprendo con sorpresa e disappunto della decisione della Corte di Cassazione di annullare, causa prescrizione del reato, la sentenza di condanna a Stephan Schmidheiny nel processo Eternit. Non può che destare profonda indignazione".

Het spreekt vanzelf dat de nabestaanden van de slachtoffers van 'de stille dood' in shock, ingedeukt, machteloos en woedend achterblijven. De overtuiging groeit in Italië en daarbuiten dat recht en rechtvaardigheid niet hand in hand lopen. Ook een van mijn vrienden behoort tot de slachtoffers.



*Cartier huwde in 1950 Viviane Emsens (1929) uit de industriële familie Emsens, hoofdaandeelhouder in Eternit. Hij werd actief in de multinational: van 1966 tot 1978 was hij afgevaardigd bestuurder en van 1978 tot 1986 was hij voorzitter van Eternit. De familie Emsens is met duizenden hectare, gelegen in het noorden van de provincie Antwerpen, grootgrondbezitter. (bron: in Trends van 12 oktober 1995 bracht Frans Crols een onthullende reportage over deze miljardairsfamilie; in 2006 bracht Knack een snoeiharde reeks van artikelen over de dodelijke werking van asbest en de verantwoordelijkheid van Eternit).

**Vinck. Cartier was niet de enige Belg die dicht bij de zaak stond. Ook Karel Vinck, die van 1971 tot 1975 werkzaam was bij Eternit-Italië, was eerder betrokken in deze zaak. Hij leidde er sinds 1973 de Eternitfabriek in het Siciliaanse Targia. Van 1975 tot 1978 leidde hij Eternit-België als gedelegeerd bestuurder. In 2006 werd hij in Italië samen met andere topmanagers van Eternit veroordeeld voor onvrijwillige doodslag. De rechtbank was van oordeel dat zij de gezondheidsrisico's verbonden aan het werken met asbest in grove mate veronachtzaamd hadden. Karel Vinck werd veroordeeld tot drie jaar voorwaardelijke gevangenisstraf. Vinck verzette zich tegen deze beschuldigingen. "Een industrieel weegt risico's af met alle beschikbare kennis op het moment van de beslissing. Niet met de kennis die dertig jaar later beschikbaar is", zei hij toen. In augustus 2009 vernietigde het hof van beroep van het Siciliaanse Catania die uitspraak en sprak hem vrij in de zaak.(bron) Karel Vinck was naar eigen zeggen er toen niet van op de hoogte dat asbest kanker kon veroorzaken.



Enkele maanden na die vrijspraak haalde Vinck op een bijzonder negatieve manier het nieuws toen hij voor de camera schamper beweerde "wij leven van fijn stof" (Terzake, 18 oktober 2009).
Toen ging het om de toename van de fijn-stof-concentratie in Antwerpen i.v.m. de bouw van de omstreden Oosterweelverbinding. Vinck is voorzitter van de BAM. In een normale maatschappij neemt men dan ontslag om de eer aan zichzelf te houden.

OVAM. Op 24 oktober 2014 gaf OVAM een persbericht vrij; daaruit blijkt dat er zo'n 3,7 miljoen ton asbest in omloop is. (bron) Navraag bij de woordvoerder Jan Verheyen van OVAM leerde dat het enorme cijfer enkel het Vlaamse Gewest betreft (mail van 20141121). De belastingbetaler draait op voor het opruimen ervan.


Wereldwijde vervuiling
Eternit leverde vanaf 1946 wereldwijd persbuizen van asbestcementstof: West-Europa, USA, Canada, Latijns-Amerika, grote stukken van Afrika, India, het Midden-Oosten. De samenstelling van asbest: "een vezelig gehydrateerd MAGNESIUMSILICAAT, wit of geel, soms groen, soms blauw van kleur, komt uit mijnen in Canada (chrysotiel) en uit Rhodesië (crocidoliet). Deze uiterst fijne vezels (diameter zowat een duizendse millimeter of een mikron) met sterk weerstandsvermogen (trekvastheid: 40 tot 45 kg/mm²) moet worden geopend, gedesintegreerd en goed van elkander gescheiden, zodat elk ervan achteraf volmaakt met cement kan worden omkorst." Gezondheidsproblemen doen zich voor tijdens de productie maar vanzelfsprekend ook bij renovatie- of afbraakwerken (boren, zagen, slijpen, breken, dynamitering, ...).
[Zie ook Asbestos: Risk Assessment, Epidemiology, and Health Effects, Second Edition; geredigeerd door Ronald F. Dodson,Samuel P. Hammar (2012), waarin de historiek van de onderzoeken naar schadelijke/dodelijke gevolgen op wetenschappelijke manier wordt uiteengezet.]
Getuigen

Hieronder de documentaire 'Eternit Casale Monferrato: la fabbrica del cancro', waarin getuigen voor de camera bevestigen dat de directie er alles aan deed om de gevolgen van werken met amiante te camoufleren.



Hieronder een tweede docu waarin o.m. de openbare aanklager en een oncologe aan het woord komen:


Pro memorie: Ook bepaalde vormen van talkpoeder (gehydrateerd waterstof-houdend magnesium-silicaat - H2Mg3(SiO3)4 of Mg3Si4O10(OH)2) zijn kankerverwekkend.
Persbericht Rekenhof
Rekenhof wil strengere internationale invordering van schulden aan de overheid
Edited: 201411041915
Het Rekenhof stelt vast dat de internationale invordering van fiscale en niet-fiscale schulden vaak een “alles of niets”-verhaal is waarbij vooral de kleine bedragen volledig worden ingevorderd. Grote schuldvorderingen
daarentegen houden veelal verband met zaken van (georganiseerde) fraude waarin de fraudeurs erin slagen te verdwijnen of zich onvermogend voor te doen.

Het Rekenhof vond in zijn audit heel karige inningspercentages. Bovendien blijkt de matching tussen diverse bestaande Belgische databanken niet vlot te verlopen om technische redenen. Anderzijds botst men bij het uitwerken van procedures op de privacywetgeving. De statistieken die aan de EU worden geleverd vertonen lacunes en methodologische fouten. In sommige landen is een tussenkomst van de rechtbank nodig om bewarend beslag te kunnen leggen en daardoor raakt het dossier op de lange baan (lees: oninvorderbaar). Het mag duidelijk zijn dat de Belgische belastingbetaler opdraait voor een falende internationale invordering en wel op twee wijzen: ten eerste zijn de gemaakte invorderingskosten verloren, ten tweede moet het 'manque à gagner' op nationaal niveau gecompenseerd worden door besparingen, hogere belastingen of bijkomende staatsschuld.

Het volledige rapport vindt u hier
Arcopar CVBA
Persbericht
Edited: 201306270954
Perscommuniqué

27/06/2013

Algemene vergadering van aandeelhouders van Arcopar cvba in vereffening
Op 27 juni 2013 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders van Arcopar CVBA in vereffening plaats gevonden op de maatschappelijke zetel van de vennootschap in aanwezigheid van 178 vennoten.
Op de dagorde van de vergadering stond:
Kennisname van de jaarrekening over het boekjaar 2012-2013.
Verslag van het college van vereffenaars over de vereffeningsactiviteiten met vermelding van de redenen waarom de vereffening niet kon worden voltooid.
Verslag van de commissaris met betrekking tot de jaarrekening over het boekjaar 2012-2013.
Als gevolg van interventies door enkele aandeelhouders is de vergadering verstoord geworden en heeft het verloop van deze jaarvergadering vertraagd. Uiteindelijk heeft dit geleid tot een stemming over de vraag of media, notaris en deurwaarder konden worden toegelaten tot de jaarvergadering enerzijds en of het mogelijk zou zijn een punt op de dagorde toe te voegen anderzijds. Omdat normaliter op de jaarvergadering bij een vereffening niet wordt gestemd, werden de stemmen manueel geteld wat opnieuw vertraging heeft veroorzaakt. Met een overgrote meerderheid van stemmen werd de aanwezigheid van media en het toevoegen van een punt op de dagorde afgewezen. Enkel de aanwezigheid van notaris en deurwaarder werd goedgekeurd.
Door de vereffenaars werd vervolgens omstandig toelichting gegeven over de jaarrekening. Aldus werd uiteengezet dat tijdens het afgelopen boekjaar voor ca 74 mio Eur aan activa werd gerealiseerd waarvan ca 50 mio Eur middels verkoop van aandelen (o.a. Elia, Retail Estates en Home Invest) en ca 24 mio uit de verkoop van obligaties (Dexia Bil, Denizbank). In vergelijking met de situatie per 8 december 2011 (datum in vereffeningstelling) werd met de verkoop van deze activa een meerwaarde gerealiseerd van ca 16 mio Eur.
Bovendien heeft het college ca 18 mio Eur financiële opbrengsten ontvangen (dividenden en intresten).
Daarnaast blijven er nog een aantal belangrijke participaties en diverse obligaties te realiseren (o.a aandelen Elia en Belgacom en obligaties Artesia, Dexia Crédit Local en Ethias) en tevens is ARCOPAR ook nog eigenaar van een deel van het gebouw.
De datum waarop de vereffening zal kunnen worden afgesloten is afhankelijk van de mate waarin de belangrijke participaties aan normale voorwaarden kunnen worden verkocht en de evolutie van de waardering van de obligaties. Bovendien is Arcopar CVBA aandeelhouder van de andere ARCO-vennootschappen die in vereffening zijn gesteld waardoor dus eerst deze vereffeningen moeten worden afgesloten alvorens de vereffening van ARCOPAR CVBA kan worden gesloten.
Tot slot wijzen de vereffenaars nog op de uitspraak van de Raad van State van 21 maart 2013 en op de nog hangende procedure voor het grondwettelijke hof omtrent de staatsgarantie voor de aandeelhouders particulieren. Voor verder informatie hieromtrent wordt verwezen naar de website van ARCOPAR.
ARCO
Persbericht : Vennoten van de coöperatieve ARCO-vennootschappen beslissen tot vereffening
Edited: 201112080954

08/12/2011

Brussel, 8 december 2011. – De buitengewone algemene vergaderingen van de coöperatieve vennootschappen Arcopar, Arcoplus en Arcofin – die alle behoren tot Groep ARCO – beslisten vandaag hun vennootschap in vereffening te stellen en benoemden een college van vereffenaars. De vereffenaars zullen alle vennoten informeren over hun persoonlijke situatie in het kader van deze vereffening.

De Buitengewone algemene vergaderingen van Arcofin CVBA, Arcopar CVBA en Arcoplus CVBA hebben het voorstel van hun raad van bestuur om over te gaan tot een vrijwillige ontbinding van de vennootschappen met ruime meerderheid goedgekeurd.

Zij benoemden meteen ook een college van 3 vereffenaars, bestaande uit bedrijfsrevisor Ludo Foqué, mevrouw Francine Swiggers en de heer Marc Tinant. De heer Foqué wordt voorzitter van het college van vereffenaars.

De taak van de vereffenaars bestaat erin om de activa van voormelde ARCO-vennootschappen op een geordende wijze te gelde maken. Daarbij streven zij uiteraard naar een optimale prijs zodat de openstaande schulden maximaal kunnen worden terugbetaald en het eventuele saldo bij afsluiting van de vereffening kan worden verdeeld onder de vennoten naar evenredigheid met hun aandeel in het coöperatieve kapitaal.



Voortaan zullen de vereffenaars instaan voor de communicatie met de vennoten.

Coöperatieve vennoten met vragen kunnen terecht op de website van Groep ARCO of op het gratis nummer van het contactcenter: tel. 0800 94 306.

tag: Dexia
TESSENS Lucas
Woodstock 15 augustus 1969
Edited: 200612031489
En toen was er Woodstock. De puriteinse USA wisten niet wat hen overkwam. Het protest tegen de oorlog in Viëtnam (de schrille en schrijnende klanken uit de gitaar van Jimmy Hendrix) en dus het in vraag stellen van de premissen van de Koude Oorlog, de sexuele revolutie (het naaktzwemmen en het gebruik van de pil), het afwijzen van de overconsumptie, het onderhuids verlangen naar samenhorigheid (Need a little help from my friends, Beautiful People, ...), de verzoening tussen blank en zwart, het verwerpen van nationalisme en imperialisme, ... Alles is aanwezig in de smeltkroes van die gevaarlijke generatie die tot transatlantische verstandhouding komt. Het zijn enkele jaren waarin Europa zich in Amerika herkent, en vice versa. De beweging zal echter doodlopen op de perverse, want uitgelokte of - beter - geënsceneerde, oliecrisis van 1973 (*) en de economische crisis met torenhoge werkloosheid die er het gevolg van is. Hebt u er al eens bij stil gestaan dat in 1973 niet de oliesjeiks de lakens uitdeelden in de Arabische oliestaten maar dat het de Amerikaanse en Britse oliemaatschappijen waren. En bedenk eens het volgende: elke spanning die ontstaat of wordt opgewekt in het Midden-Oosten, en die automatisch de olieprijzen de hoogte indrijft, komt de Texaanse oliebaronnen ten goede. Omdat presidentsverkiezingen in de VS gewonnen worden mits de inzet van enorme geldmassa's in publiciteitscampagnes op TV, is het draineren van dollars naar deze of gene staat van kapitaal belang. De blijvende druk op de ketel van het Midden-Oosten garandeert met andere woorden het in stand houden van de republikeinse dominantie in de VS. Aldus heeft de controle over de geopolitieke spanning een rechtstreekse invloed op de binnenlandse VS-politiek.
(*) Over de oliecrisis van 1973 schreef Leonard Mosley in Grof Spel (1974) het volgende: "Het is veelbetekenend, dat terwijl het voornaamste doelwit van het Arabisch olieëmbargo de 'onvriendelijke' Verenigde Staten waren, geen van de Amerikaanse maatschappijen werd genationaliseerd en in Saoedi-Arabië, Koeweit, Aboe Dhabi, de Neutrale Zone, Bahrein en Oman bleven maatschappijen als Exxon, Gulf, Socal, Mobil en Getty haar enorme winsten maken uit de bedragen die de 'vriendelijke' Europese naties gedwongen werden te betalen voor olie uit het Midden-Oosten." (onze cursivering, pagina 465)

Op de knieën zal de generatie van 1968 moeten smeken om werk ... Enkel diegenen die in eer en geweten willen spreken over de periode vóór en na 1968 weten welke kentering er toen heeft plaats gegrepen: het bespreekbaar maken van eender welk onderwerp en het afwijzen van (vaak religieus geïnspireerde) taboes. Op sexueel vlak werd een doorbraak geforceerd en de brede emancipatie beloofde te leiden naar maatschappelijk aanvaarde volwassenheid. In die context was er ook plaats voor welbegrepen feminisme (The woman is the nigger of the world). Juist daarom is het doodjammer en schandalig dat vandaag (in 2005) de westerse maatschappij tenonder gaat in puberale excessen, uitgedragen door massamedia die het alleen te doen is om kijkcijfers en geldgewin.
Is het helemaal onbegrijpelijk dat de islam zo'n maatschappijmodel verwerpt en bestrijdt? Wat hebben de 'blanke honden' te bieden? En hoe diep zit niet de angst dat het afleggen van sluier en burka morgen overgaat in het omarmen van de holle 'cultuur' van de blote tieten en de wiegende konten? Zolang de westerse wereld geen fatsoen en geen eerlijke verdeling van de rijkdom kan bieden, zolang zal de oppositie van de harde kern aan de overzijde groeien.
Vlaanderen is ten prooi gevallen aan media-managers die openlijk het 'opleuken' van de persberichtgeving en zelfs van de informatieve programma's van de openbare omroep propageren. De strijd om de culturele ontvoogding is stil gevallen en in een scherpe U-bocht loopt nu het pad terug naar de onderdrukking die van alle tijden is. We amuseren ons kapot ... gehuld in onmondigheid.
Persbericht
Regnier Haegelsteen zal op 1 oktober 2006 Alain Siaens opvolgen als voorzitter van het Directiecomitévan Bank Degroof.
Edited: 200608180945
NIEUWE VOORZITTER VOOR BANK DEGROOF
Regnier Haegelsteen zal op 1 oktober 2006 Alain Siaens opvolgen als voorzitter van het Directiecomité
van Bank Degroof.
Alain Siaens wordt op zijn beurt vanaf de volgende Algemene vergadering in februari 2007 voorzitter
van de Raad van Bestuur van Bank Degroof en volgt daarbij Baron Philippson op.
Als bestuurder bij de Bank, zal Baron Philippson, onder andere, het voorzitterschap van Bank Degroof
Luxemburg en Bearbull Degroof Banque Privée S.A. in Zwitserland waarnemen.
Ter info, wij verspreiden deze informatie onder voorbehoud van de goedkeuring door de CBFA.
Regnier Haegelsteen
Na diverse verantwoordelijke functies te hebben vervuld bij JP Morgan in België en New York, wordt Regnier
Haegelsteen in 1985 bij de Groep Brussel Lambert belast met het beheer van de financiële participaties. Hij
ontwikkelt er de activiteit Investment Banking. Vervolgens neemt hij de leiding over van Prominvest, een
beursgenoteerde vennootschap gespecialiseerd in ‘capital development’. In 1990 wordt hij directeur bij Bank
Degroof. Hij wordt belast met de holdingactiviteiten en stippelt het algemeen commercieel beleid inzake de
bedrijfscliënten uit. Sinds 1993 is hij samen met Alain Schockert verantwoordelijk voor de Investment Banking
activiteiten. Regnier Haegelsteen is Licentiaat in de Rechten aan de UCL en volgde een MBA programma in New
York in het kader van het training program van de Morgan Bank.
Bank Degroof
Bank Degroof is een zelfstandige zakenbank die gespecialiseerd is in vermogensadvies en vermogensbeheer. De
Bank telt ongeveer 900 medewerkers in België, Spanje, Frankrijk, Luxemburg, Nederland en Zwitserland. De
activiteiten van de bank overkoepelen vermogensbeheer, institutioneel beheer, corporate finance, marktactiviteiten,
kredieten en vermogensstructurering.


la Saga Degroof
TESSENS Lucas
Het geld van de omroep: 1930-1939: Crisisjaren - De ruk naar rechts - De massificatie - De radio wordt een massamedium, een propagandamiddel en een instrument voor volksopvoeding - De radio wordt een staatsmonopolie. De minister van PTT zit de Raad van Beheer voor - Opgenomen radioreportages worden mogelijk (klankband en montage) - Radiotaksen als bron voor financiering van de openbare omroep - Radiodistributie - Nieuwe perstitels
Edited: 200300193001
De regeringen
Jaspar II (22/11/1927-21/5/1931) KAT-LIB
Renkin (5/6/1931-18/10/1932) KAT-LIB
de Broqueville (22/10/1932-13/11/1934) KAT-LIB
Theunis II (20/11/1934-19/3/1935) KAT-LIB
Van Zeeland I (25/3/1935-26/5/1936) KAT-SOC-LIB
Van Zeeland II (13/6/1936-25/10/1937) KAT-SOC-LIB
Janson (23/11/1937-13/5/1938) KAT-SOC-LIB
Spaak I (15/5/1938-9/2/1939) KAT-SOC-LIB
Pierlot I (21/2/1939-27/2/1939) KAT-SOC
Pierlot II (18/4/1939-3/9/1939) KAT-LIB
Pierlot III (3/9/1939-10/5/1940) KAT-SOC-LIB
Verkiezingen
27 november 1932
24 mei 1936
2 april 1939

De algemene toestand
Tijdens de eerste maanden van 1930 kan de Belgische economie nog even profiteren van de gunstige effecten die uitgaan van de wereldtentoonstelling (te Antwerpen en te Luik) en de viering van het Belgische eeuwfeest. In het tweede semester doet de wereldcrisis zich echter ook bij ons ten volle voelen. De uitvoer stuikt in elkaar en zal pas in 1935 terug beginnen groeien. Vanaf 1932 maakt de regeringen gebruik van bijzondere machten en dat stelt het geloof in de parlementaire democratie zwaar op de proef. Op het sociale vlak werkt de ellende de massificatie in de hand. De uitzichtloze toestand van velen is een ideale voedingsbodem voor massabeïnvloeding en populistische propaganda, zowel van uiterst rechts als van uiterst links.
Schandalen plagen de katholieke partij. Daarvan maakt Leon Degrelle, zelf katholiek, met zijn Rexisme gebruik om zwaar uit te halen naar de ultra-conservatieve vleugel van de katholieke partij. Tijdens massameetingen en via eigen periodieken ('Rex', 'Vlan', 'Soirées', 'Foyer' en 'Crois') en dagbladen ('Le pays réel' vanaf 2 mei 1936 en 'De nieuwe Staat' vanaf 1 september 1936) vuurt hij zijn aanhangers, zowel in Wallonië als in Vlaanderen, aan om de traditionele partijen in het kieshokje vaarwel te zeggen. (De Bruyne, 1973: 71-130; Gerard, 1985: 30-33; Gerard, 1994: 75-123) De verkiezingen van 24 mei 1936 brengen een zware nederlaag voor de katholieke partij (- 10% van de stemmen) en een overwinning voor Rex. De Vlaams nationalisten en de communisten halen eveneens heel wat stemmen. De socialisten houden stand. Daarmee is de polarisatie in het land een feit. De zetelverdeling in de Kamer na de verkiezingen van 1932, 1936 en 1939 levert volgend beeld op:


De werkloosheid neemt enorme proporties aan: van nauwelijks 17.000 in 1929 naar 319.000 werklozen in 1932. Zij die nog werk hebben, zien hun uurloon tussen 1929 en 1935 met ongeveer 20% dalen. De prijzen dalen echter evenzeer zodat op het eerste gezicht de koopkracht gehandhaafd blijft. De belastingdruk is evenwel geweldig hoog zodat de privé-bestedingen kelderen.
Hieruit groeit vanzelfsprekend sociale onrust en stakingen zijn schering en inslag. Daarbij moet men bedenken dat het in vele gevallen om wilde stakingen gaat, die de vakorganisaties slechts schoorvoetend erkennen vanwege de enorme druk op hun stakingskassen.
In maart 1935 vormt Paul van Zeeland een regering van nationale unie. De socialisten drukken een groot deel van het zgn. Plan De Man (deficit spending) door. De devaluatie van 28% komt snel: op 31 maart 1935. De economie krijgt weer zuurstof en de uitvoer herneemt. Ook de gezinsconsumptie komt even overeind en de kleinhandelaars zien hun omzet stijgen. Het herstel is echter van korte duur. Naar het eind van de jaren 30 belandt de economie terug in een crisis. De inzinking op de internationale markten verzwakt de uitvoer én dus de omzet van de industrie. Om het overheidsdeficit te financieren grijpt de regering opnieuw naar belastingverhogingen.
Daardoor raakt de binnenlandse consumptie aangetast. Met die infernale cirkel is het depressieklimaat weerom aanwezig. Daar bovenop tekent de oorlogsdreiging zich vanaf 1938 duidelijk af. De generatie van de dertiger jaren gaat volledig ontgoocheld en gefrustreerd een nieuwe wereldoorlog tegemoet.

Het NIR-INR
De Wet van 14 mei 1930 (BSB 19300516) schenkt aan de staat het monopolie van de radiocommunicaties. Artikel 1 van deze wet luidt immers als volgt: "De regeering is gemachtigd de radiotelegrafie, de radiotelefonie en alle andere radioverbindingen in te richten en te exploiteren." Toch krijgen in de periode 1930-1940 nog heel wat particuliere stations de toelating om radioprogramma's uit te zenden, zowel in Vlaanderen als in Wallonië. Deze toelatingen zijn echter herroepbaar en er ontstaan vaak hoog oplopende geschillen over. De tweede wereldoorlog zal een einde maken aan het bestaan van deze vergunningen (Van Bol, 1975: 86).
De wet van 18 juni 1930 geeft aan het Nationaal Belgisch Instituut voor Radio-Omroep (NIR/INR) zijn statuut. Artikel 11 van deze wet bepaalt hoe het NIR gefinancierd wordt:
"De inkomsten van het instituut bestaan inzonderheid uit:
a) het bedrag van giften en legaten te zijnen bate, na machtiging of goedkeuring door den Koning;
b) De leeningen die het mocht sluiten (inzonderheid door uitgifte van obligatiën) met machtiging van de regeering. Tot een bedrag van 10.000.000 frank werkelijk ontleend kapitaal, zal de regeering de rente en de delging waarborgen der leeningen welke het instituut mocht sluiten.Een koninklijk besluit bepaalt de voorwaarden van deze waarborg.
c) De jaarlijksche Staatstoelage en, meer bijzonder, een jaarlijksche toelage gelijk aan:
1° 90 t.h. van het voorzien bedrag der ontvangsten, opgeleverd door de jaarlijksche taxe, welke de Staat heft op de private radio-ontvangtoestellen;
2° Eene som gelijk aan het voorzien bedrag van de ontvangsten der belasting, welke de Staat heft op den groothandelsprijs van de electronenlampen of andere gelijkaardige toestellen voor het detecteren of het versterken van de in radio-electrische ontvangtoestellen bruikbare seinen, loodglanskristallen of andere kristallen uitgezonderd;
d) De toelagen welke openbare besturen en instellingen mochten toekennen;
e) De ontvangsten welke het zou bekomen door zijn uitgaven of naar aanleiding van contracten, door den raad van beheer afgesloten binnen de perken van de bedrijvigheid van het instituut."
Artikel 12 bepaalt dat het instituut een boekhouding moet voeren en een jaarverslag moet overmaken aan de minister van PTT.
Artikel 17 bepaalt: "Bij de gewone begroting van het dienstjaar 1930 van het Ministerie van Posterijen, Telegrafen en Telefonen wordt een crediet geopend onder volgende rubriek: Toelage aan het Belgisch nationaal Instituut voor radio-omroep (N.I.R.): 1.600.000 frank."
De openbare radio, die op 1 februari 1931 begint uit te zenden, wordt niet uit het niets opgericht maar neemt de twee zenders van 15 kW te Veltem over, die eind de jaren twintig door een associatie van Radio Belgique en van de Boerenbond (NV Radio) bij SBR besteld waren. Op het ogenblik van de overname waren beide zenders niet operationeel toen zij werden overgenomen door het INR-NIR. (X 1953:5)
Noteer dat Radio Belgique (Theo Fleischman) zijn uitzendingen stopte op de dag van de stichting van het NIR. Zijn personeel werd in de nieuwe staatsinstelling ingeschakeld (Van Pelt, 1973: 240; Boon G., 1988: 29). Men kan stellen dat Radio Belgique werd genationaliseerd met een ruime compensatie voor de eigenaar(s). Hiervoor kan het eerste jaarverslag van de NIR/INR geraadpleegd worden. In dat jaarverslag vinden we Radio Belgique en de NV Radio terug met een schuldvordering op de NIR ten belope van 1.070.011,20 BEF. Anderzijds vinden we er SBR met een schuldvordering van 95.715,50 BEF. (NIR, 1931-1932: 62) Beide schuldvorderingen samen vertegenwoordigen 91% van alle schulden die het NIR op 31 december 1931 heeft. Volgens Paul Vandenbussche, in een vraaggesprek met ons (23/10/2001), is de oprichting van de NIR-INR het directe gevolg van de financiële moeilijkheden van de S.A. Radio-Belgique. Vanuit die optiek is het ontstaan van de openbare omroep het resultaat van het mislukken van het privé-initiatief en ligt niet (alleen) een politiek verlangen maar (ook) een financieel-economisch débâcle aan de basis van het overheidsinitiatief. Hermanus plaatst de oprichting van het NIR-INR en die van de RTT in dat perspectief en wijst erop dat het dezelfde liberale ministers - Pierre Forthomme voor PTT en Paul-Emile Janson voor Justitie - zijn die zowel de oprichting van het NIR als die van de RTT in het parlement bepleiten. (Hermanus, 1990: 26) Volgens Vandenbussche speelde Prof. Arthur Boon (KU Leuven), voorzitter van de KVRO en voorzitter van de Boerenbond (geen familie van de latere directeur-generaal van de NIR) een grote rol bij de totstandkoming van het NIR-INR.
In artikel 14 van het KB van 28 juni 1930 wordt gesteld dat de "nieuwstijdingen in de vorm van persberichten" bondig moesten zijn. Duiding bij het nieuws was uitgesloten. (Goossens C., 1998: 49). Hier duikt de invloed van de dagbladpers op. Die zag namelijk in het radio-instituut een geducht concurrent. De belangen van de (partij)politieke dagbladen vielen in deze samen met die van de partijen zelf.
Verdere uitbouw van het NIR
Van 1935 tot 1938 wordt er gewerkt aan het nieuwe radiogebouw aan het Flageyplein. In 1937 komt de culturele zelfstandigheid van de Franse (o.l.v. Théo Fleischman) en de Vlaamse uitzendingen tot stand. Het jaarverslag van het NIR-INR bevat dan ook voor de eerste keer de uitgesplitste kosten voor de Franse en de Vlaamse uitzendingen, resp. 5.604.055 BEF en 5.533.911 BEF.
Radiotaks
De wet van 20 juni 1930 (BSB 19300626) en het KB van 28 juni 1930 (BSB 19300704) regelen o.m. de heffing van de radiotaksen voor de bezitters van een radio-ontvangsttoestel. De taks wordt op 60 BEF per jaar bepaald. Dat is 30 BEF minder dan oorspronkelijk in het wetsontwerp (18 april 1929) van minister Lippens (PTT) voorzien was. De parlementsleden brengen het bedrag terug tot 60 BEF per jaar (Goossens C., 1998: 44). Een gewoon huishoudbrood kost in 1930 2,14 centiem en voor een krant dient men 35 centiem neer te tellen. De radiotaks weegt m.a.w. flink door in het budget van het modale gezin want met die 60 frank kan het 28 broden kopen of meer dan een half jaar elke dag de krant lezen.
Een ander KB van 28 juni 1930 (BSB 19300704) bepaalt dat de radiotoestellen waarin uitsluitend kristallen (en dus geen radiolampen) gebruikt worden, belast worden met een jaartaks van 20 BEF.
Het is treffend dat zeer vele bepalingen uit de voornoemde wet de tand des tijds hebben doorstaan en tot in 1987 van kracht blijven: het betalen door middel van een storting op een postcheckrekening, de betaling die alle radiotoestellen in dezelfde woning dekt, de verplichting om een adreswijziging te melden, de vrijstellingen voor blinden en andere invaliden, voor onderwijsinstellingen en voor openbare diensten. In die tijden van grote werkloosheid gaan er stemmen op om de werklozen vrij te stellen van het betalen van de radiotaks. (Van Dyck, 1935:135)
De wetgever van 1930 is wel bijzonder streng voor ontduikers: de geldboete kon oplopen tot vijfmaal de ontdoken taks en dat met drie jaar terugwerkende kracht. Van een ontduiker kan m.a.w. een maximale boete van 900 BEF geëist worden ... een klein fortuin.
De wetgever van 1930 had zich blijkbaar goed geïnformeerd want ook de ontvangtoestellen die beelden konden ontvangen waren verplicht de taks te betalen. Zo'n bepaling verraadt de hand van de RTT-administratie, steeds goed geïnformeerd over de technologische ontwikkelingen. Vergeten we niet dat in 1930 de BBC reeds experimenteerde met de eerste openbare televisie-uitzending.
Door de wet van 27 december 1938 wordt de radiotaks van 60 op 78 BEF gebracht.
RTT int de radiotaksen
De inning van de taksen werd opgedragen aan de in 1930 opgerichte Regie voor Telefoon en Telegraaf. De oprichting van de RTT was, althans zo luidt de officiële versie, nodig om de verschillende telefoonnetwerken, tot dan toe in privé-handen, te interconnecteren. Hermanus is echter een andere mening toegedaan en stelt dat de interconnectie slechts een voorwendsel was. "En réalité, ce n'était qu'un prétexte. Les partisans du libéralisme économique défendaient l'idée de l'intervention de l'Etat uniquement dans des activités non rentables mais indispensables au bon fonctionnement de l'Etat." (Hermanus, 1990: 26)
Er zijn voldoende aanwijzingen om Hermanus' stelling voor waar te aanvaarden.
Collectiviseren van verliezen?
Privatiseren van winsten?
We kunnen dan ook vaststellen dat zowel de oprichting van de NIR-INR als die van de RTT geschiedden om verliezen te collectiviseren, naar de staat toe te schuiven. Onderzoek kan aantonen of zulks ook met andere risicodragende initiatieven binnen de communicatiesector (of andere sectoren) het geval is (geweest). Tegelijk kan men dan ook de 'spiegel-hypothese' toetsen: komen overheidsbedrijven (of stukken ervan) enkel in aanmerking om geprivatiseerd te worden wanneer de investering niet of nauwelijks risicodragend is?
Uiteraard mag men hierbij niet in een zwart-wit analyse vervallen en zal de realiteit zeer complex zijn. Dit neemt niet weg dat het een fundamenteel vraagstuk is bij het kijken naar de relatie tussen staats- en privé-initiatief. De vraagstelling heeft ook een ethische component, laat dat duidelijk zijn.
Aantal betalende vergunningen en vrijstellingen
Voor de jaren 30 beschikken we over betrouwbare cijfers uit het archief van Kijk- en Luistergeld (dat werd in 2003 vernietigd maar wij konden enkele belangrijke statistische documenten redden, LT).

In 1930 waren er 76.872 radiotoestellen vergund, in 1939 waren het er 15 maal meer.
Adreslijsten KLG en luisteronderzoek
De massa's adressen die bij de dienst radiotaksen beheerd worden, brengen sommigen op het idee om op basis daarvan te starten met een luisteronderzoek (Van Dyck, 1935: 156-157) of een referendum omtrent de omroep. Dit laatste moet gezien worden tegen de achtergrond van de onvrede met de partijpolitieke uitzendingen op het NIR. "Hoe gemakkelijk nochtans zou het voor haar (bedoeld wordt het NIR, LT) vallen, vermits zij alleen toch (met de Regie) de namen en adressen bezit van allen, die zich van hunne radiotaks kwijten. Zou het dan zoo'n enorme kosten met zich brengen om aan alle die menschen een voor het antwoord gereed gemaakte vragenlijst rond te zenden, welke na invulling vrachtvrij aan het NIR zou kunnen worden weergezonden! (...) Tevens zou door dergelijk referendum de 'Vox Populi' kunnen gekend worden omtrent het ja dan niet toelaten van politieke uitzendingen langs den omroep!" (Van Dyck, 1935: 144)
Gewestelijke verdeling van het radiobezit
Voor het jaar 1939 beschikken we over een gewestelijke verdeling van de 1.112.962 radiotoestellen waarvoor radiotaks betaald wordt: Wallonië (458.124 of 41%), Brussel (209.869 of 19%) en Vlaanderen (444.969 of 41%). De ondervertegenwoordiging van het Vlaamse Gewest heeft o.i. twee oorzaken: a) de inkomensachterstand in het Vlaamse landsgedeelte, en b) de relatieve sterkte van het populaire programma-aanbod van de 12 particuliere radiostations in Wallonië en Brussel, tegenover slechts 4 in het Vlaamse landsgedeelte.


Financiering van de regionale radiostations
De wet van 14 mei 1930 moet in feite de doodsteek betekenen voor de regionale stations. Artikel 8 verbiedt immers voor alle stations het voeren van handelspubliciteit. De druk van de regionale stations - vooral Radio Schaerbeek ging heftig tekeer - op de minister was echter zo groot, dat die besloot een gedoogbeleid te voeren.
De regionale radiostations deden voor hun financiering ook een beroep op jaarlijkse lidgelden. Zo vermeldt Van Dyck (1935: 134) dat Radio Châtelineau kaarten verkocht tegen 12,50 BEF en steun- en erekaarten tegen resp. 25 en 50 BEF. Radio Antwerpen (ON4ED) verkocht kaarten van 25 BEF. De auteur noemt deze vorm van financiering onwettelijk en verwijst hiervoor naar artikel 9 van het ministerieel besluit van 28 augustus 1931.

De franstalige uitzendingen van de private radiostations haalden een hogere luisterdichtheid dan de franstalige programma's van het INR. Men kan zich voorstellen dat dit niet naar de zin was van Fleischman. Greta Boon vermeldt dan ook uitdrukkelijk: "Een van de redenen waarom de leidinggevende personen van het NIR van de oorlogsomstandigheden later gebruik maakten om die particuliere zenders na de oorlog geen uitzendvergunning meer te geven, was dit grote franstalige overwicht." (Boon G., 1988: 29-33).

De wet wordt niet toegepast
De staatstoelage vormde in de periode 1930-1940 de hoofdmoot van de inkomsten van het unitaire NIR-INR. In de wetenschappelijke literatuur wordt steevast vermeld dat het NIR-NIR 90% ontving van de opbrengst van de radiotaksen. Zo stelt Gekiere in 1983: "In de wet van 18.6.1930 tot oprichting van het N.I.R. was bepaald dat 90% van de opbrengst van het kijk- en luistergeld naar de omroep zou toevloeien. Dit principe werd jaren toegepast en gedurende enkele jaren (o.m. voor 1974), bleek de toelage aan de BRT-instituten zelfs hoger te liggen dan de netto-opbrengst." (Gekiere, 1983: 179).
Ook Greta Boon stelt in 1984: "Voor de tweede wereldoorlog ontving de omroep 90% van het luistergeld." (Boon, 1984:95).
Uit ons onderzoek blijkt dat zulks weliswaar wettelijk voorzien was, doch in de realiteit slechts één jaar gehaald werd.
De beweringen van Gekiere en van Boon, beiden op de BRT werkzaam, moeten wellicht gezien worden als een manoeuver van de BRT in zijn veelvuldige disputen in de jaren 80 met de minister omtrent de BRT-dotatie. We komen hierop terug.
In het jaarverslag van de NIR-INR over het jaar 1932 lezen we: "Over het algemeen staat het aantal ontvangtoestellen in rechtstreekse verhouding met de hoedanigheid van den dienst. Door de veldmetingen heeft men er zich rekenschap kunnen van geven dat de kracht der zenders van Veltem niet voldoende is om over gansch het grondgebied (...) een dienst te verzekeren , die wat de hoedanigheid betreft, niets te wenschen overlaat. Logisch mag dus aangenomen worden dat een merkelijke verhooging der zendkracht, bv. tot 60 of 100 kw. zeer snel een verhooging van de ontvangtoestellen en bijgevolg van de ontvangsten voor gevolg zou hebben."
Het NIR-INR geloofde dus nog in de band tussen de opbrengst van de radiotaksen en haar eigen staatstoelage. Hier wordt expliciet verwezen naar de band die er bestaat tussen het aantal radiotoestellen (200.534 eind 1931, 339.635 einde 1932) en de staatstoelage (13,4 miljoen BEF voor het werkingsjaar 1932). De simpele berekening brengt ons op 12,03 miljoen BEF (200.534 toestellen x 60 BEF). Nergens in het jaarverslag wordt de berekening expliciet gemaakt. Men mag echter veronderstellen dat de berekening van de staatstoelage op het niveau van de beheerraad, waarin de voogdijminister als voorzitter zetelde, gebeurde.
Hieronder geven wij de evolutie van de bruto-opbrengst, de inningskosten die de RTT inhield, de staatstoelage aan het NIR-INR en deze laatste uitgedrukt als een percentage van de netto-opbrengst.









LT
Persbericht MERS
Edited: 199810270926
Zopas heeft het NIS het aantal particuliere huishoudens per 1 januari 1998 vrijgegeven. Deze statistiek is geput uit het Rijksregister.

Het MERS had eerder dit jaar het aantal kabelabonnees per 31 december 1997 opgevraagd bij de diverse kabelmaatschappijen.

De bijgaande tabel berekent voor elk van de 308 gemeenten in het Vlaams gewest de BEKABELINGSGRAAD of het percentage particuliere huishoudens dat kabelabonnee is. We maken gewild abstractie van de 3.261 collectieve huishoudens.

De fusiegemeenten werden per provincie gesorteerd en van laag naar hoog qua bekabelingsgraad.

Voor geheel het Vlaams gewest komt de bekabelingsgraad neer op 94 %.
Vlaanderen heeft daarmee de hoogste bekabeling ter wereld.

In de provincie Antwerpen scoren Wuustwezel en Essen, met resp. 76 en 79 procent, eerder laag: de bekabeling kwam er laat op gang en het zijn dun bevolkte gemeenten.
Ook in een aantal steden ligt de bekabelingsgraad aan de lage kant: Antwerpen (81%), Leuven (78%), Tienen (87%), Gent (86%). Zulks heeft te maken met relatieve armoede en een hogere concentratie allochtonen in stedelijke agglomeraties.

Aan de Kust vinden we - vanwege het groot aantal vakantieverblijven - scores boven de 100%, gaande tot 247% voor Koksijde. Nieuwpoort vormt met 85% een uitzondering vanwege een andere abonneetelling (per sindicus) bij de kabelmaatschappij WVEM.

De bekabelingsgraad heeft repercussies voor de nominatieve matching tussen het KLG-bestand en de bestanden van de kabelmaatschappijen.

LT/1998-10-27
Persbericht Vlaamse Regering
Beëindiging van CV IMALSO
Edited: 199809280061
Op voorstel van minister vice-president Steve STEVAERT en
Vlaams minister van Ambtenarenzaken Eddy BALDEWIJNS heeft
de Vlaamse regering beslist de coöperatieve vennootschap
Intercommunale Maatschappij van de Linker Schelde-oever
(Imalso) bij de beëindiging van de vennootschap over te
nemen. Imalso werd opgericht voor een duur van zeventig
jaar, en deze termijn loopt af op 31/12/1998.

De vennootschap had als taak de aanleg, het onderhoud en
de uitbating van tunnels onder de Schelde (Waasland- en
Sint-Annatunnel) in Antwerpen, en het beheer van gronden
op de Linker Schelde-oever.

Op vraag van minister Baldewijns werden verschillende
toekomstscenario's voor de vennootschap onderzocht. De
Vlaamse regering heeft nu beslist om zowel de
activiteiten als het personeel over te dragen aan het
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, en de ermee
verbonden inkomsten en uitgaven in eerste instantie onder
te brengen in een Dienst met Afzonderlijk Beheer. Deze
overname biedt de beste garanties, zowel voor het
personeel (statutair en contractueel), als voor de
continuïteit van de activiteiten.

Secretaris-generaal Fernand Desmyter van het departement
Leefmilieu en Infrastructuur krijgt de opdracht om een
plan uit te werken om de functionele integratie van het
Imalso-personeel binnen de verschillende geledingen van
het Ministerie van Vlaamse Gemeenschap op een geordende
en vlotte wijze te laten verlopen.
LT
campagne kijk- en luistergeld stopt op 19971205
Edited: 199712042015
*FAXBERICHT • FAX MESSAGE

To: Kabinet van de Minister van Financiën, Begroting en Ge¬zond¬heidsbe¬leid¬, ter attentie van dhren
• Dirk DE KEUSTER, Ad¬viseur
• Carl BUYCK, Woordvoerder
Kool¬straat 35, 1000 Brussel
From: Lucas TESSENS, Bestuurder/Research Director MERS
Date: 19971204
Ref: calls Sitel (staafdiagram)
Pages (this one included): 1+1
Tel: 02-227.24.11
Fax: 02-227.24.05



Geachte Heer De Keuster, Beste Dirk,
Geachte Heer Buyck, Beste Carl,



1. Hierbij het overzicht van de live-calls tot donderdagavond 21.00 uur.
Donderdag werden er weerom slechts 134 calls ontvangen.
Cumul (1/10-4/12): 32.762 calls.


2. Aan Sitel is opdracht gegeven om morgen om 12.00 uur klokslag af te sluiten. Over de toelaatbaarheid van het laten beluisteren van het audio-bandje had Sitel ons tegen deze namiddag uitsluitsel beloofd. Wij zijn nog in het ongewisse. Wij nemen morgen zelf contact op met Sitel.
Indien er bez¬waren zouden rijzen vanuit de Ethische Commis¬sie, dan zit er volgens ons niets anders op dan het 0900-nummer uit te doven. In voor¬komend geval lijkt een kort persbericht toch aangewezen.


3. Tegen maandag zullen wij rapporteren over de 9de en laatste periode (analyse aangiften).


Met vriendelijke groet,




Lucas TESSENS
LT
Evaluatie van de KLG-anti-ontduikingscampagne
Edited: 199710120901
Evaluatie van de KLG-anti-ontduikingscampagne
via 0900/10.203
Resultaten 19971002 - 19971010


1. Basisgegevens

Op 10 oktober ontvingen wij via e-mail van SITEL de resultaten over de periode 2 oktober - 10 oktober 1997 (diskette RAPP1010.xls, Excel 4.O).
Er moet door SITEL nog nauwkeuriger worden opgegeven voor welke periode (van welk uur tot welk uur) de rapportering geldig is.

Dit bestand bevatte per gemeente (op NIS-code) volgende elementen:
• aantal calls
• totale duur van de gesprekken in seconden
• aantal aangegeven autoradio's
• aantal aangegeven zwart-wit-TV's
• aantal kleuren-TV's
• aantal aangevraagde folders in de nederlandse taal
• aantal aangevraagde folders in de franse taal
Het door Sitel aangeleverde bestand beantwoordt daarmee aan de opdracht tot statistische rapportering zoals door MERS opgedragen bij fax van 199710¬02. Eén gegeven werd niet verstrekt: het aantal doorver¬wijzigingen naar back end nummer Aalst. Dit gegeven is echter van secundair belang.



2. Correctie

Het MERS stelde vast dat in het bestand een dubbeltelling voorkomt van 132 calls, met name deze afkomstig uit het Brussels gewest (19 ge¬meenten). SITEL heeft blijkbaar alle calls uit deze 19 gemeenten samen¬gebracht onder Brussel (NIS-code 21004) maar dezelfde calls ook nog eens onder Bruxelles (eveneens NIS-code 21004) vermeld.
Het MERS heeft de cijfers voor deze 132 calls geëlimineerd.


3. Resultaten na correctie

In de beschouwde periode werden 4.249 calls ontvangen. De totale ge¬spreks-duur bedroeg 637.350 seconden of 10.622 minuten of 177 uur.
Een gemiddelde call nam aldus 2,50 minuut in beslag.
Zoals te verwachten was kwam het gros van de calls vanuit het Vlaams gewest: 4.106 calls. Uit Brussel kwamen er 132 en uit het Waals gewest 11.

3.1. Aangegeven autoradio's (toestellen)
In totaal werden er 2.139 autoradio's geregistreerd.
• Vlaams gewest: 2.094
• Brussels gewest: 39
• Waals gewest: 6

3.2. Aangegeven kleurentelevisies (houders)
In totaal deden 2.313 personen (huishoudens) aangifte van één of meer kleuren-TV's.

• Vlaams gewest: 2.225
• Brussels gewest: 84
• Waals gewest: 4

Uit de nominatieve CIPAL-matching zal moeten blijken welke en hoeveel van de 88 aangiften, afkomstig uit het Waalse en het Brusselse gewest, slaan op tweede verblijven (thuishorend in het Vlaamse KLG-bestand) dan wel of er een overdracht van gegevens naar de andere gewesten dient te geschieden. Ook de voorwaarden van de overdracht dienen dan nog te worden bekeken.

3.3. Aangegeven zwart-wit-televisies (houders)
In totaal deden toch nog 21 personen (huishoudens) aangifte van een zwart-wit-televisietoestel.

• Vlaams gewest: 19
• Brussels gewest: 2



4. Folders

In totaal werden er 487 folders verdeeld (485 NL, 2 FR).
Hiermee is 1,6 % van de 30.000 bij SITEL gestockeerde folders ver¬deeld.




5. Opbrengsten (bruto)

Overeenkomstig de beslissing van het Kabinet zullen alle aangiften aangere¬kend worden vanaf 1 oktober 1997. In de praktijk wil dit zeggen dat er voor autoradio, z/w-TV en kleuren-TV resp. 1.068 BEF, 5.136 BEF en 7.368 BEF zal worden aangerekend (geldende taksbedragen 1997).
De totale bruto-opbrengst voor de beschouwde periode bedraagt aldus 19.434.492 BEF.

gewest
AR z/w TV kl TV Totaal
VL 2.236.392 97.584 16.393¬.800 18.727¬.776
BR 41.652 10.272 618.912 670.836
WAL 6.408 0 29.472 35.880
totaal 2.284.452 107¬.856 17.042¬.184 19.434¬.492

Opgelet! De bovenstaande berekening is voorlopig en bruto. Inderdaad, de netto-opbrengst kan slechts berekend worden na de nominatieve matching door CIPAL: eliminatie van nep-aangiften, grappenmakers, dubbele aangiften, niet-traceerbare aangiften wegen foutieve input door TO, enz...


Incidentie op begrotingsjaar 1997

Aangezien de aangiften alle vanaf 1 oktober 1997 aangerekend worden zullen de uiteindelijke netto-bedragen slechts voor 3/12de aan het begro¬tingsjaar 1997 mogen worden toegewezen. Het saldo (9/12de) is over te dragen op het begrotingsjaar 1998 (overlopende rekening).

6. Outbound calls & audiotex

Tijdens de betrokken periode (19971002 - 19971010) zijn er piek¬momenten geweest die niet direct en live door het dedicated KLG-team van SITEL konden worden opgevangen.
Van een deel van deze calls werd enkel het telefoonnummer door een non-dedicated TO genoteerd en werd er daarna (tijdens daluren) in outbound call gewerkt.
Van deze activiteit kregen wij tot op heden nog geen rapportering.

Ook van de inzet van de audiotex-formule (nalaten van telefoonnummer door opbeller via intoetsen) tijdens 'outlogged periods' (bvb. 's nachts) werd nog geen rapportering ontvangen. Het is overi¬gens niet duidelijk of deze techniek wel effectief werd ingezet. Het is ons bekend dat er hierrond technische problemen gerezen zijn en dat men minstens tijdens één nacht een formule heeft gehanteerd waarbij één TO een gecom¬bineerde Proximus/KLG-opdracht kreeg.

Wij herinneren eraan dat een outboundgesprek à 125 BEF/call zal gefac¬tureerd worden door SITEL.


7. Andere respons-kanalen (feedback)

Andere gebruikte respons-kanalen buiten het 0900-nummer zijn:
• back end nummers Aalst (production teams)
• loket Aalst
• Kabinet van de Minister
• inzendingen aangifteformulier (folder)

Vooral het eerste en het laatste respons-kanaal kan nog voor een serieuze upgrading van het effect zorgen. De inzendingen van aangif¬teformulieren ex folder zullen echter met vertraging zichtbaar en kwan¬tificeerbaar worden. Het folder-effect is van een informatiever aard en daardoor diepgaander en moet op langere termijn beschouwd worden.

8. Retributie op telecom-kost


Over de periode werden voor 10.622 minuten inbound gesprekken genoteerd.
Dit zou betekenen dat Belgacom hierop een maximale omzet scoorde van 192.789 BEF (6,05 BEF x 3 x 10.622). De helft wordt geristorneerd aan CIPAL, zijnde 96.695 BEF.
De berekening is theoretisch want mede afhankelijk van het tijdstip van de call (zwart tarief van 18u30 tot 08u00 + weekends en wettelijke feestdagen = 6,05 BEF/40 sec.).


9. Verslaggeving pers & TV

Op basis van dit rapport kan gedacht worden aan een kort en factueel persbericht met distributie via het agentschap Belga.

Overigens mag gezegd worden dat de Vlaamse dagbladen zeer veel interesse betonen voor de campagne, ook nog een week na de perscon¬ferentie. Deze weerklank in de pers versterkt ongetwijfeld het effect van de campagne.

Ook de regionale TV-zenders hebben er aandacht aan. Zo ging Focus Tele¬visie uitgebreid (street interviews, vertoning kleurenkaart provincie West-Vlaanderen) in op de problematiek van de zware ontduiking in tweede verblijven aan de Kust. Via het uitwisselingsprogramma tussen de regionale TV-stations kwam dit Focus-thema ook in andere provincies aan de orde (met name op zondag via ATV in de provincie Antwerpen). De 'carroussel'-bericht¬geving verhoogt de visibi¬liteit en dus de con¬tactkans en bijgevolg de respons-rate.


10. Tweemaal een gemeentelijke TOP-20

In de bijlagen bij dit rapport geven wij de 20 gemeenten die het hoogst aantal aangiften opleverde, éénmaal voor autoradio, éénmaal voor kleurentelevisie.
Het is o.i. nog iets te vroeg (niet-representatief) om per gemeente relatieve scores te berekenen (aangiften gerelateerd aan de gemeten ontduiking).




Lucas TESSENS
Bestuurder/Research Director
19971012
VAN DEN BRANDE Luc
Juni 1994: Persbericht van het kabinet Van den Brande: "Studiesyndicaat Nieuwe Diensten op Kabel en/of Telefoonlijnen" [SNDKT]
Edited: 199406001497