Article

TESSENS Lucas

Lezing van het ontwerp van wet betreffende de radiodistributie- en de teledistributienetten en betreffende de handelspubliciteit op radio en televisie. Wijzigingen aangebracht aan het ontwerp tijdens de vergadering van de Ministerraad van 5 april 1985

ID: 198504121499

Lezing van het ontwerp van wet betreffende de radiodistibutie- en
de teledistributienetten en betreffende de handelspubliciteit op
radio en televisie

Wijzigingen aangebracht aan het ontwerp tijdens de vergadering van
de Ministerraad van 5 april 1985.
ad p. 14
De eerste twee leden van de memorie van toelichting worden weg
gelaten. Het lijkt erop dat men heeft willen vermijden om over
sponsoring uitspraken te doen in een wet.
Men gaat in ieder geval door het schrappen van het tweede lid
van p. 14 de discussie uit de weg.
ad p. 16
De wijziging in artikel 14 lijkt ons van niet veel belang te zijn.
ad p. 23
Een cadeau aan de vrouwenbeweging. (D'Hondt ?)
ad art. 1 p. 3
Het invoegen van een definitie van radio-omroepvennootschap
brengt met zich mee dat men nu 4 instanties krijgt die zich met
audiovisuele middelen bezighouden t.w. :
radio-omroepvennootschap (radio en TV-produktie en overbrenging) ;
radio-omroepdienst (radio- en TV-uitzender ; m.a.w. een radioomroepvennootschap
kan een beroep doen op een radio-omroepdienst
om de programma's van eerstegenoemde uit te zenden) ;
radio-omroepstation (het lijkt erop dat men hieronder een ruimte
verstaat)
station voor lokale klankradioomroep (de zgn. niet-openbare radio's)




ad art. 12 - tweede lid BELANGRIJK
De huidige tekst verschilt in belangrijke mate van de oorspronkelijke
tekst.
Vroeger was het zo dat de BRT geen handelspubliciteit kon uitzenden
wanneer een (niet één) andere rechtspersoon gemachtigd werd om
handelspubliciteit in zijn televisie op te nemen.
Met andere woorden kon de BRT iets niet doen indien iemand anders
wel iets deed.
Nu kan slechts één instantie iets doen.
Dat is ofwel de BRT ofwel één privaatrechterlijke rechtspersoon.
Nu voorziet het vlaamse kabeldecreet in de oprichting van regionale
en lokale televisieomroepvennootschappen.
Het is niet noodzakelijk wijzigingen aan te brengen in het decreet
doch wanneer men weet dat in Vlaanderen slechts één omroepvereniging
wettelijk kan gemachtigd worden om handelspubliciteit uit te voeren
dan vragen wij ons toch af hoe regionale en lokale TV-initiatieven
gefinancierd zouden kunnen worden.

*-- 2 -

Men kan de bedenking maken of^in zulk geval regionale of lokale
TV-initiatieven de weg zullen opgaan van de vrije radio's, t.w.
het voeren van illegale publiciteit.
Dit lijkt ons onwaarschijnlijk aangezien lokale en regionale
TV-initiatieven willens nillens gebruik zullen moeten maken van
de kabel en men kan zich afvragen of de kabelmaatschappijen het *
risico zullen durven lopen medewerking te verlenen aan onwettelijke
praktijken. Wij menen van niet.
Als tweede reden kan gelden dat het in beslagnemen van de infra
structuur van een regionaal of lokaal TV-initiatief minimum tien
maal meer kost aan diegene wiens infrastructuur in beslag genomen
wordt.
Tenslotte weze opgemerkt dat het huidige tweede lid van artikel 12
een monopoliepositie kan installeren voor de geschreven pers wat
handelspubliciteit op TV betreft.
ad art. 15 3
Wellicht heeft men geoordeeld dat 16-jarigen geen kinderen meer zijn.
In ieder geval is het een versoepeling want indien men zou stellen
dat "Chips" een programma zou zijn voor 16-jarigen en men program
meert dit bvb. tussen 19 en 19.30 uur dan zou men volgens de oude
tekst voor en na "Chips" geen reklameblok hebben mogen plaatsen,
hetgeen voor een privaatrechterlijk TV-station een mangue a gagner
zou inhouden.
Uiteraard zal men moeilijkheden hebben bij het bepalen of programma X
in het bijzonder bestemd is voor kinderen beneden de 12 jaar.
Gaan wij hier naar een anachronisme in de vorm van een filmkeurings
dienst ?
ad art. 17 p. 13bis
De variante op p. 13bis wordt weerhouden hetgeen wil zeggen dat men
binnen de Ministerraad geopteerd heeft voor een regie die onaf
hankelijk staat van de openbare instituten.
Dit is belangrijk indien men weet dat,aan franstalige zijde vooralj
gesproken wordt over het laten beheren van zulke regie door de
dagbladui tgevers.
Het artikel 17 is ook belangrijk in zoverre par. 2 derde lid, een
bestemming geeft aan de netto-inkomsten van handelspubliciteit
op BRT en/of RTBF. Zulks doet vermoeden (maar het staat er niet)
dat een privaatrechterlijk TV-station niet kan verplicht worden om
een gedeelte van de publiciteits-netto-ontvangsten uit te keren aan
persbedrijven welke eventueel niet in de TV-vennootschap betrokken
zouden zijn. Het tweede lid duidt ook in die richting.
ad art. 20
Dit artikel wordt dus voorlopig weggelaten hetgeen erop wijst dat de j
nationale wetgever ofwel haar volledige bevoegdheid wenst uit te '
oefenen zoals de Raad van State adviseert ofwel dat men in een verplicht
advies van de gemeenschappen een vertragingselement ziet.
L. TESSENS. '
11.4.1985