Search our collection of 12.064 BOOKS

Author
Title
Publisher
Keywords
Booknr

Search our 2.820 News Items

INDEX AUTHORS


A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

We found 20 books

We found 9 news item(s)

D'Hérouville Hubert
La Communauté Economique Atlantique
Pocket, Que sais-je?
€ 5.0

BUY

HUBERMAN Jack
The Quotable Atheist: Ammunition for Nonbelievers, Political Junkies, Gadflies, and Those Generally Hell-Bound
Paperback, in-8, pp., bibliography
€ 15.0

BUY

MALLET-STEVENS ROB, DESHOULIERES Dominique, JEANNEAU Hubert, CULOT Maurice, BUYSSENS Brigitte
Rob Mallet-Stevens. Architecte
Broché, in-8 carré, 399 pp., photos, dessins, plans en NB et qqs en couleurs, bibliographie. Bilingue Français/Anglais. Texts in Frech and English. Robert Mallet-Stevens est un architecte et designer français né à Paris le 24 mars 1886, mort à Paris le 8 février 1945. Merveilleuse monographie exhaustive sur un des architectes les plus controversés du Mouvement Moderne en France. Il est considéré aujourd'hui comme l'une des figures majeures de l'architecture française de l'entre-deux-guerres.
Sommaire :
L'exigence de l'architecture, par Dominique Deshoulières et Hubert Jeanneau
The demands of architecture, by Dominique Deshoulière and Hubert Jeanneau
Case "vitesse" et coin obscur, par Fernando Montes
"Speed" box and dark corners, by Fernando Montes
Robert Mallet-Stevens, architecte d'intérieur, par Yvonne Brunhammer
Robert Mallet-Stevens, as interior architect, by Yvonne Brunhammer
Robert Mallet-Stevens et le cinéma, 1919-1929, par Michel Louis
Robert Mallet-Stevens and the cinema, 1919-1929, by Michel Louis
Illustrations
Mallet-Stevens opinions
L'exposition de l'école Spéciale d'Architecture, article inédit de Le Corbusier
The Ecole Spéciale d'Architecture exhibition, article by Le Corbusier (unpublished)
Description par le Vicomte de Noailles de la construction de sa villa à Hyères
Description by the Viscount de Noailles of the construction of his villa in Hyères
Biographie
Livres et textes publiés par Mallet-Stevens
Mallet-Stevens, projets et réalisations

ouverture de la villa Cavroix (1932) à Roubaix

blogspot des amis de la villa
€ 50.0

BUY

ROBERTS-JONES Philippe, JUIN Hubert, METKEN Günter, BOENDERS Frans, e.a.
Fernand Khnopff. 1858-1921
Pb, 4to oblong, 274 pp., illustraties in ZW en kleur. Tekst in het Nederlands. Begeleidde de tentoonstellingen in Parijs, Brussel en Hamburg.

€ 20.0

BUY

VLIEBERGH Hubert
De Belgische Grondwet.
Hardcover, leder, gebonden, 8vo, 369 pp., index
€ 10.0

BUY

The covers of the following books are not yet photographed

BONIN Hubert, Suez, du Canal à la Finance, Paris, Economica, 1987.

GALLE Hubert, THANASSEKOS Yannis, Le Congo de la découverte à l'indépendance, Bruxelles, Editions J.M. Collet, 1983.

GORLE Frits, BOURGEOIS Greta, BOCKEN Hubert, Rechtsvergelijking, Gent, E. Story-Scientia, 1985.

HANQUET Huberte , Le Temps des Femmes. Plaquette réalisée par le Conseil National des Femmes Belges - CNFB - à l'occasion du Centenaire du Conseil des Femmes 1888-1988, , , 1988.

HOTON Edmond (textes), BIZUTH (dessins) [Hubert Olyff], Leurs Gueules. Essai de Zoologie germanique suivi de quelques Croquis racontés , Bruxelles, Les Editions Libres, 1944.

HUBERT Adelheid, Wordend moederschap. Praktische voorbereiding op de bevalling., Antwerpen, Standaard, 1961.

LAMPO Hubert, Een geur van Sandelhout. Roman (1976), Amsterdam, Meulenhoff, 1976.

LAMPO Hubert, De verdwaalde carnavalsvierder (1990), Amsterdam, Meulenhoff, 1990.

LAMPO Hubert, De komst van Joachim Stiller - Roman (1960), Leuven, Davidsfonds, 1975.

MEEUS Marcel, WOLLES Hubert (illustraties), Tijl Uilenspiegel vecht voor vrijheid, Antwerpen, Standaard Uitgeverij, 1979.

VAN HERREWEGHEN Hubert, Gedichten III, Hasselt, Heideland, 1961.

VLIEBERGH Hubert, De Belgische Grondwet., Antwerpen, Standaard, 1973.

VONCKEN Hubert Abbé, Livre d'or de Notre-Dame de Lourdes., Anvers, Van Os-De Wolf, 1908.

VONCKEN Hubert Abbé, Livre d'or de Notre-Dame de Lourdes., Anvers, Van Os-De Wolf, 1908.

WITT Hubert (Editor), Lion Feuchtwanger, Herbert Jhering, Lotte Lenya, Caspar Neher, Walter Benjamin, Hanns Eisler, Paul Dessau, Max Frisch, Erwin Strittmatter, Walter Mittenzwei, Vladimir Pozner, Brecht. As They Knew Him., East-Berlin (DDR), Seven Seas Books, 1974.

VERELST Patrick
Lupe - tentoonstelling 21 november tot 12 december 2015
Edited: 201511110041
Jason Poirier dit Caulier and Patrick Verelst are pleased to invite you for the opening of the exhibition ‘LUPE’, paintings by Patrick Verelst on 21 November 2015 from 14-18h.





“I was fascinated by a scene in the Laurel & Hardy movie “Hollywood party”, where a girl at the bar gets in a fit of rage because she isn’t allowed a drink. I looked her up in the credits and found out that her name was Lupe Velez, a Hollywood actress that became famous because of the story surrounding her suicide in 1944, at age 36. During her movie career she became notorious because of her temper and stormy love affairs. She slashed her lover Gary Cooper with a knife, (ending the relation, Cooper reportedly had lost 45 pounds and was suffering from nervous exhaustion), did the same to her later husband Johnny ’Tarzan’ Weismuller, and once to herself. When I learned about her basically kind, but probably bipolar personality, and about the extremely gifted actress and dancer she was, I decided to make some paintings about her demons and the slashing thereof. I later found out that Andy Warhol made a factory movie about her in 1965, featuring Edie Sedgwick in the titular role."
Patrick Verelst (Antwerp, 1948) is both an in- and outsider of the art world. He has been working in the gallery circuit as assistant or gallery owner. Today he is a private dealer. Only to an intimate circle he is also know as a painter.
He worked as gallery assistant for Wide White Space Gallery in Antwerp, John Weber Gallery in New York, and — together with Marc Poirier dit Caulier— ran the Gallery Patrick Verelst – Marc Poirier dit Caulier Gallery in Antwerp. 
In the 80ies he moved to New York working as assistant at the John Weber and Leo Castelli Gallery. He returned to Antwerp to reopen a gallery with exhibitions of Julian Schnabel, Keith Haring, Ronnie Cutrone, Jonathan Lasker, Walter Swennen and others.
In the early eighties few works were sporadically included in shows at Isy Brachot, Brussels, Montevideo, Antwerp, Olsen Gallery New York, Museum d’Hondt Dhaenens, Deurle and ICC Antwerp.
Patrick Verelst has always continued painting, but destroyed most of the works by force of habit. It was the correspondence between him and Jasper Johns that convinced him to keep some of his paintings, as the latter persuaded him not to destroy them anymore. For years his paintings have never seen an audience, but in memory of his friendship with Marc Poirier dit Caulier he has now decided to exhibit them, not as a starting point of a new artistic carreer, but to openly invite viewers to a lesser-known side of his practice.
From 21 November till 12 December 2015
On friday and Saturday, from 14-18h
PLUS-ONE.BE
@plus_one_art (instagram) PLUS ONE
Sint-Hubertusstraat 58+
2600 Berchem — Belgium
News
Brusselse tunnels onveilig
Edited: 201511051124
Michel Hubert, een socioloog en mobiliteitsexpert aan de Université Saint-Louis (Brussel) is van oordeel dat ook de andere gewesten en de federale staat moeten betalen voor de renovatie van de tunnels 'omdat niet enkel Brusselaars door de tunnels rijden'.
Commentaar LT:
Voilà, dat heeft Hubert helemaal alleen gevonden. Knap, hé.
In die redenering moeten de Nederlanders meebetalen voor de Antwerpse ring.
Het doorschuiven van de Zwarte Piet is een favoriet spelletje in België. En dan volgt de bijkomende belastingheffing.
Rijden de superrijken niet door de tunnels?


Politie
De VUB-moorden: Moord op Peter De Greef : 22/11/1980 - 23/11/1980 & Daniëlle Girardin : 06/02/1993 - 07/02/1993
Edited: 201412041521
1980
Een groepje jongeren (15 à 20 personen) vanuit de regio Antwerpen, allemaal gestart aan het Atheneum van Hoboken, besluiten naar de universiteit van Brussel te gaan.
Daniëlle Girardin, ook afkomstig uit de regio Antwerpen, kwam niet van het Atheneum maar kende wel enkele van die mensen vanuit de lagere school.
Aan de VUB werd de vriendenkring nog uitgebreid met ondermeer Peter de Greef. Die was in 1980 opnieuw van plan aan de VUB te gaan studeren (hij had al enkele diploma’s op zak, o.a. licentiaat geschiedenis), Hij woonde toen nog in de omgeving van de VUB omdat hij geen afscheid kon nemen van het studentenleven.
22 – 23/11/1980 omstreeks 04.00 uur
In de nacht van zaterdag 22 op zondag 23 november 1980 werd Peter de Greef, toen 24 jaar, doodgeschoten met één kogel in het hart.
Zijn lichaam lag in de Nieuwelaan ter hoogte van n° 179 in Etterbeek.
Een politieman paste nog een hartmassage toe maar Peter was vermoedelijk op slag dood.
Hij had die avond op zijn appartement doorgebracht, samen met Linda Simons, een vriendin, in de Generaal Jacqueslaan 183 te Elsene (Etterbeek).
Rond 3 uur heeft Peter dan Linda te voet naar huis, naar haar kot gebracht 1n de Generaal Bernheimlaan n° 15. Op de terugweg van het kot van Linda naar zijn eigen appartement werd hij beschoten. Hij werd getroffen door een kogel 6.35 uit een klein vuurwapen. (de huls werd teruggevonden) Het motief is nog steeds niet gekend.
Reisweg naar appt. Van Linda (samen): Generaal Jacqueslaan - Nieuwelaan - Generaal Bernheimlaan.
1993
Mevrouw Girardin was heel erg geliefd en werkte aan de VUB van Brussel . De Filosofieprofessor Hubert Dethier kan Daniëlle Girardin goed beschrijven.
Daniëlle had haar doctoraat in de cultuurfilosofie bij hem gemaakt en ze was een tijd lang zijn assistente.
Ze was intellectueel heel erg onderlegd en leefde in de alternatieve sfeer. Zo ging ze bijvoorbeeld overal te voet naar toe, ging ze samen leven bij indianenstammen en sliep ze op de grond. Daniëlle was heel erg begaan met andere mensen.
06 - 07/02/1993 omstreeks 03.45 uur
In de nacht van zaterdag 6 februari op 7 februari 1993 werd Daniëlle Girardin, toen 34 jaar; vermoord met één messteek (in de lever, mespunt reikte tot in het hart).
Ze had net een praatavond bijgewoond over de Aka-stam (Thaise indianenstam), samen met vrienden in Antwerpen.
Iets na 4 uur 's nachts had Danielle de woning van haar vrienden in de Anselmostraat, nabij het oude justitiegebouw, verlaten om te voet terug naar huis te keren.
Ze wandelde vermoedelijk via de volgende straten : Ballaerstraat - Pyckestraat - Markgravelei - Jan van Rijswijcklaan - Populierenlaan - Kruishofstraat - Varenlaan
Danielle woonde toen in de Eglantierlaan in Wilrijk, net om de hoek van de Varenlaan, ruim een half uur stappen van de Anselmostraat.
Haar lichaam lag in de Varenlaan lag ter hoogte van het huis n° 31 en werd ontdekt door een buurtbewoner die naar zijn werk vertrok.
De nacht van de moord stond in de Varenlaan een koppeltje dubbel geparkeerd in een witte pickup. Het meisje had wel iemand op de grond zien liggen maar stond er verder niet bij stil. Buurtbewoners hoorden wel rond 04.30 uur een kreet .
OPSPORINGSVRAGEN
Misschien zijn er mensen die meer over de feiten weten, maar die al die jaren hebben gezwegen omdat ze dat toen niet konden of durfden praten. Hun levenssituatie kan veranderd zijn waardoor ze dit nu wel kunnen.

Heeft Danielle Girardin , misschien tijdens haar buitenlandse reizen, iemand leren die geen goede bedoelingen met haar had. Of heeft ze pech gehad en is ze in handen gevallen van de messentrekker die toen in Antwerpen lelijk huis hield.
Is er een link tussen de twee moorden? Dat is een vraag waar zelfs de speurders geen sluitend antwoord kunnen op kunnen geven. Het bindmiddel tussen Peter en Daniëlle zijn de jaren ‘80 en hun gemeenschappelijke vriendenkring tijdens studieperiode aan de VUB van Brussel. Alle hypotheses en vragen moeten gesteld worden om een goed onderzoek te kunnen voeren.
Het kan zijn Dat Danielle, na al die jaren plots is te weten gekomen wie Peter in 1980 heeft vermoord, maar zelf heeft ze dat tegen niemand gezegd.
Getuigenissen

Alle tips zijn welkom via het gratis telefoonnummer 0800 30.30.0. Discretie wordt gewaarborgd.

of via het emailadres opsporingen@politie.be

Dit opsporingsbericht werd uitgezonden op VTM tijdens de uitzending "TELE FACTS CRIME " op 01/02/2010
LT
Lijst van de Belgische kunstschilders met geboorte- en sterfdatum (uiteraard niet exhaustief)
Edited: 201410251109
Pierre Abattucci 1871-1942, Victor Abeloos 1881-1965, Léon Abry 1857-1905, Robert Aerens 1883-1969, Pierre Alechinsky 1927, Fernand Allard l'Olivier 1883-1933, Gerard Alsteens 1940, Henri Anspach 1882-1979, Armand Apol 1879-1950, Berthe Art 1857-193, Alphonse Asselbergs 1839-1916, Alphonse Backeljau, Albert Baertsoen 1866-1922, Edgar Baes 1837-1909, Firmin Baes 1874-1934, Lionel Baes 1839-1913, Giljom Ballewijns 1875-1944, Georges-Marie Baltus 1874-1967, Willem Battaille 1867-1933, Charles Baugniet 1814-1886, Euphrosine Beernaert 1831-1901, Charles-Louis Bellis 1837-?, Hubert Bellis 1831-1902, Fred Bervoets 1942, Franz Binjé 1835-1900, Charles Bisschops 1894-1975 Maurice Blieck 1876-1922 Anna Boch 1848-1936 Eugène Boch 1855-1941, Gaston Bogaert 1918 Jean-Marie Boomputte 1947 Guglielmo Borremans 1672-? Michaël Borremans 1963 Andrée Bosquet 1900-1980 Paul Boudry 1913-1976 François-Joseph Boulanger 1819-1873 Hippolyte Boulenger 1837-1874 Paul Bril 1554-1626 Eugène Broerman 1861-1932 Jean Brusselmans 1884-1953, Félix Buelens 1850-1921, Gustaaf Buffel 1886-1972, François Bulens 1857-1939, Pol Bury 1922-2005, Buysse Georges 1864-1916 Henriëtte Calais 1863-1951 Jacques Callaert 1921-1996 Charles-René Callewaert 1893-1936 Jean Capeinick 1838-1890 Jan-Karel Carpentero 1784-1823 Evariste Carpentier 1845-1922 François Cautaerts 1810-1881 Ceramano 1831-1909 Achille Chainaye 1862-1915 Philippe de Champaigne 1602-1674 Frantz Charlet 1862-1928 Albert Ciamberlani 1864-1956 Alexandre Clarys 1857-1920 Emile Claus 1849-1924 Henri Cleenewerck 1818-1901 Emile Clerico 1902-1976 Louis Clesse 1889-1961 Jan Cobbaert 1909-1995 Hubert Coeck 1871-1944 André Collin 1862-1930 (20030076:72) Willie Cools 1932-2011 Joseph Coosemans (zie 19820116) Eugène Jean Copman 1839-1930 Omer Coppens 1864-1926 Albéric Coppieters 1878-1902 Oscar Cornu 1866-1939 Albert Cortvriendt 1875-? Edouard-Louis Cottart 1842-1913 Jan Cox 1919-1980 Jules Cran 1876-1926 Paul Craps 1877-1937 Luc-Peter Crombé 1920-2005 Louis Crépin 1828-1887 Freddy Danneel 1929-2008 Robert Davaux ca. 1885-1965 Hugo Debaere 1958-1994 Julien De Beul 1868-? Laurent De Beul 1841-1872 Gaston De Biemme Marie De Bièvre 1865-1940 Nathalie de Bourtzoff Sophie de Bourtzoff Adriaan De Braekeleer 1818-1904 Evarist De Buck 1892-1974 Gilbert Declercq 1946 René De Coninck 1907-1978 Jan De Cooman 1893-1949 Herman De Cuyper 1904-1992 William Degouve de Nuncques 1867-1935 Babette Degraeve 1965 Henri De Graer 1856-1915 Henry de Groux 1866-1930 Carlos De Haes 1826-1898 Louise De Hem 1866-1933 Nicaise De Keyser 1813-1887 (zie 19790122) Raoul De Keyser 1930 Victor De Knop 1883-1979 Raymond de la Haye 1882-1914 Roland Delcol (1942- Willem Delsaux 1862-1945 Paul Delvaux 1897-1994 Jean Delville 1867-1953 Jean Delvin 1853-1922 Ghislaine de Menten de Horne 1908-1995 Pieter De Mets (zie 19790122) Thomas Deputter 1896-1972 Michel De Roeck 1954-2005 Valerius De Saedeleer 1867-1941 Edmond De Schampheleer 1824-1899 Jan de Smedt 1905-1954 Prosper De Troyer 1880-1961 Edouard De Vigne 1808-1866 Emma De Vigne 1850-1898 Félix De Vigne 1806-1842 Albert De Vos 1868-1950 Liéven De Winne 1821-1880 Marguérite Dielman 1865-1942 Leon Dieperinck 1917 Marthe Donas 1885-1967 Christian Dotremont 1922-1979 Albert Droesbeke 1896-1929 Edmond Dubrunfaut 1920-2007 Hugo Duchateau 1938 Julien Joseph Ducorron 1770-1848 Henri Dupont 1890-1961 Mathilde Dupré-Lesprit 1836-1913 Jef Dutillieu 1876-1960 Albert Dutry 1860-1918 Marie Dutry-Tibbaut 1871-1953 Edmond Dutry 1897-1959 Jean-Marie Dutry 1899-1986 Jacobus Josephus Eeckhout 1793-1861 Alfred Elsen 1850-1914 Albert Embrechts 1914-1997 Peter Engels 1959 Joe English 1882-1918 Henri Evenepoel 1872-1899 Desire Everaerts 1824-1879 Emile Fabry 1865-1966 Pieter Faes 1750-1814 Rombout Faydherbe 1649-1674 Willy Finch 1854-1930 Gustave Flasschoen 1868-1940 Jules Fonteyne 1878-1964 Jean-Jacques Gailliard 1890-1976 Louis Gallait 1810-1887 Mary Gasparioli 1856-? Lucas Gassel 1500-1570 Willem Geets 1838-1919 Joseph Louis Geirnaert 1790-1859 Victor-Jules Génisson 1805-1860 Ferdinand Giele 1867-1929 Joseph Gindra 1862-1938 Hubert Glansdorff 1877-1963 Albert Gregorius 1774-1853 Godfried Guffens 1823-1901 Lucien Guinotte 1925-1989 Paul Hagemans 1884-1959 Louis Haghe 1806-1885 René Hansoul 1910-1979 Gaston Haustraete 1878-1949 Pierre-Jean Hellemans 1787-1845, Valentin Henneman 1861-1930, Charles Hermans 1839-1924, Paul Hermans 1898-1972, Paul Hermanus 1859-1911, Adrien-Joseph Heymans 1839-1921, Marie Howet 1897-1984 Henri Huklenbrok ca. 1870-1952 Léon Huygens 1876-1919 Florent Isenbaert 1827-? Jacob Jacobs 1812-1879 William Jelley 1856-1932 Antoine Jorissen 1884-1962 Luc Kaisin 1900-1963 Franz Kegeljan 1847-1921 Ignace Kennis 1888- 1973 Anna Kernkamp 1868-1947 Renée Keuller 1899-1981 Fernand Khnopff 1858-1921 Margot Knockaert 1910-1997 Eugène Laermans 1864-1940 Pierre Langlet 1848-? Paul Lauters 1806-1875 Georges-Émile Lebacq 1876-1950 Stéphanie Leblon, 1970 Henri Lehon 1809-1872 Charles Leickert 1816-1907 Hendrik Leys 1815-1869 Anne Liebhaberg 1955- Peter Joseph Linnig 1777-1836 Jan Jozef Linnig 1815-1891 Willem Jozef Linnig Sr. 1819-1885 Willem Linnig Jr. 1842-1890 Benjamin Linnig 1860-1929 Zoë Linnig 1893-1979 Diane Linnig 1894-1978 Lambert Lombard 1505-1566 Jean-François Luypaert 1893-1954 Henry Luyten 1859-1945 Armand Maclot 1877-1959 (zie 19820116) Jacques Madyol 1871-1950 Jo Maes 1923 Mil Maeyens 1882-1952 René Magritte 1898-1967 Maurice Mareels 1893-1976 Ferdinand Marinus 1808-1890 Paul-Jean Martel 1878-1944 Hervé Martijn 1961- Armand Massonet 1892-1979 Paul Masui-Castrique 1888-1981 Joseph Maswiens 1828-1880 Didier Matrige 1961-2008 Jean Mayné 1854-1924 Marten Melsen (zie 19790122) Jules Merckaert 1872-1924 Charles Mertens 1865-1919 Guillaume Michiels 1909-1997 Sonja Michiels 1945 Ernest Midy 1877-1938 Frans Minnaert 1929-2011 Willy Minders 1913-1977 (zie 19820116) Florent Mols 1811-1896 Robert Mols 1848-1903 Constant Montald 1862-1944 Louis Adrien Moons 1769-1844 Frank Mortelmans (zie 19790122) Auguste Musin 1852-1923 François Musin 1820-1888 Balthasar-Paul Ommeganck 1755-1826 Marie Ommeganck 1784-1857 Maria-Jacoba Ommeganck 1760-1849 Alfred Ost 1884-1945 Henri Ottevaere 1870 -1944 Pierre Paulus 1881-1959 Kurt Peiser 1887-1962 Henri Louis Permeke 1848-1912 Constant Permeke 1886-1952 Erik Pevernagie 1939 Louis Pevernagie 1904-1970 Léon Philippet 1843-1906 Rudi Pillen 1931-2014 Albert Pinot 1875-1962 Marc Plettinck 1923-2006 André Plumot 1829-1906 Pieter-Frans Poelman 1801-1826 Renée Prinz 1883-1973 Joseph Quinaux 1822-1895 Jean Raine 1927-1986 Armand Rassenfosse 1862-1934 Roger Raveel 1921-2013 Frans Regoudt 1906-1977 Georges Reinheimer 1850-? Julia Rijsheuvels Léon Riket 1876-1938 Lucien Rion 1875-1939 Louis Robbe 1806-1887 Daniël-Adolphe Roberts-Jones 1806-1874 Jean-Baptiste Robie 1821-1910 Ernest Rocher 1872-1938 François Roffiaen 1820-1898 Georges Rogy 1897-1981 Alfred Ronner 1851-1901 Alice Ronner 1857-1957 Emma Ronner 1860-1936 Renée Rops 1887-1973 Alfred Ruytincx 1871-1908 Albert Saverys 1886-1964 Jules Schmalzigaug 1882-1917 Antoine Schyrgens 1890-1981 Jacques Schyrgens 1923 Joseph Schubert 1816-1885 Lode Sebregts 1906-2002 Auguste-Ernest Sembach 1854-? Albert Servaes 1883-1966 Michel Seuphor 1901-1999 Victor Simonin 1877-1946 Frans Balthasar Solvyns 1760-1824 Michel-Joseph Speeckaert 1748-1838 Leon Spilliaert 1881-1946 Alfred Stevens 1823-1906 Joseph Stevens 1816-1892 Jan Stobbaerts 1838-1914 Ildephonse Stocquart 1819-1889 François Stroobant 1819-1916 Michael Sweerts 1618-1664 Jan Swerts 1820-1879 Charles Swyncop 1895-1970 Philippe Swyncop 1878-1949 Jean-Baptiste Tency Georges Teugels 1937-2007 Louis Thevenet 1874-1930 Daan Thulliez 1903-1965 Emile Thysebaert 1873-1963 Pierre Toebente 1919-1997 Léon Tombu 1866-1958 Jef Toune 1887-1940 Charles Tschaggeny 1815-1894 Edmond Tschaggeny 1818-1873 Luc Tuymans 1958 Edgard Tytgat 1879-1957 Leon Valckenaere 1853-1932 Jan Van Beers 1852-1927 Hilaire Vanbiervliet 1890-1981 Louis Pierre Van Biesbroeck 1839-1919 Willem Van Buscom 1797-1834 Jan Van Campenhout 1907-1972 Jef Van Campen 1934 Frans Van Damme 1858-1925 Frits Van den Berghe 1883-1939 Louis Van den Eynde 1881-1966 Serge Vandercam 1924-2005 Benoni Van der Gheynst 1876-1946 Edmond Van der Haeghen 1836-1919 Jan Van Der Smissen 1944-1995 Theo Van de Velde 1921-2005 Martine Van de Walle 1968 Gustave Van de Woestyne 1881-1947 Gabriel Van Dievoet 1875-1934 Emile Van Doren 1865-1949 (zie 19820116) Raymond Van Doren 1906-1991 Adolf Van Elstraete 1862-1939 Frans Van Giel 1892-1975 Louis Van Gorp 1932-2008 José Van Gucht 1913-1980 Willem Van Hecke 1893-1976 Gustaaf Van Heste 1887-1975 Edith Van Leckwyck 1899-1987 Louis Van Lint 1909-1986 Leo Van Paemel 1914-1995 George Van Raemdonck 1888-1966 Jozef Van Ruyssevelt 1941-1985 Théo van Rysselberghe 1862-1926 Achiel Van Sassenbrouck 1886-1979 Petrus van Schendel 1806-1870 Dan Van Severen 1927-2009 Eugeen Vansteenkiste 1896-1963 Georges Vantongerloo 1886-1965 Jef van Tuerenhout 1926-2006 Georges Van Zevenberghen 1877-1968 Gerard Vekeman 1933 Charles-Louis Verboeckhoven 1802-1889 Eugène Verboeckhoven 1798-1881 Marguerite Verboeckhoven 1865-1949 Jos Verdegem 1897-1957 Marcel-Henri Verdren 1933-1976 Paul Verdussen 1868-1945 Piet Verhaert 1852-1908 Séraphin Vermote 1788-1837 Barth Verschaeren 1888-1946 Karel-Willem Verschaeren 1881-1928 Theodoor Verschaeren 1874-1937 Alfred Verwee 1838-1895 Emma Verwee Louis-Charles Verwee 1836-1882 Louis-Pierre Verwee 1807-1877 Frans Vinck 1827-1903 Jozef-Xavier Vindevogel 1859-1941 Charles-Louis Voets 1876-? Henry Voordecker 1779-1861 Victor Wagemaekers 1876-1953 Maurice Wagemans 1877-1927 Gustave Walckiers 1831-1891 Taf Wallet 1902-2001 Antoine Wiertz 1806-1865 Edgard Wiethase 1881-1965 Wilchar 1910-2005 Georges Wilson 1850-1931 Roger Wittevrongel 1933 Rik Wouters 1882 - 1916 Juliëtte Wytsman 1866-1925 Joris-Frederik Ziesel 1755-1809
TESSENS Lucas
Het geld van de omroep: 1944-1949
Edited: 200300194401
De regeringen
Hubert PIERLOT (26/09/1944 - 7/02/1945) KAT-LIB-SOC-COM
Achille VAN ACKER I (12/02/1945 - 2/08/1945) KAT-LIB-SOC-COM
Achille VAN ACKER II (2/08/1945 - 9/01/1946) SOC-LIB-COM-UDB
Paul-Henri SPAAK I (13/03/1946 - 19/03/1946) SOC
Achille VAN ACKER III (31/03/1946 - 9/07/1946) SOC-LIB-COM
Camille HUYSMANS (3/08/1946 - 12/03/1947) SOC-LIB-COM
Paul-Henri SPAAK II (20/03/1947 - 19/11/1948) PSB/BSP-PSC/CVP
Paul-Henri SPAAK III (27/11/1948 - 27/06/1949) PSB/BSP-PSC/CVP
Gaston EYSKENS I (11/08/1949 - 6/06/1950) CVP/PSC-LIB

De verkiezingen
17 februari 1946
26 juni 1949 mét kiesplicht voor vrouwen

Het oorlogskabinet Pierlot wordt, onder druk van het (vooral linkse) straatgeweld, uitgebreid met de communisten, die zich vanaf 1945 bekeerden tot het unitarisme onder Franstalig gezag. In zes jaar tijd ziet België 9 regeringen opstaan en vallen. De eerste bewindsploegen regeren zonder een mandaat van de kiezer. Daarmee wordt gewacht tot de verkiezingen van 17 februari 1946. De repressiejaren na tweede wereldoorlog zijn de schandelijkste uit onze geschiedenis. Wraak en haat, persoonlijke afrekeningen, moord en daden, opdoemend uit de laagste instinkten van de mens, kunnen gedijen in een klimaat van rechteloosheid. Het gepeupel en de 'verzetsstrijders' van het laatste uur regeren op straat en in de rechtszalen. De overheid kan, durft of wil deze wantoestanden niet onder controle brengen. Een oorlog roeit nooit het kwaad uit waartegen hij wordt gevoerd.
Er worden executies van collaborateurs verricht tussen november 1944 en 4 juni 1949.
De periode kunnen we er een noemen van anarchie en dubieuze rechtspraak. Het justitiedepartement is een heet hangijzer en wisselt veelvuldig van titularis.
In 1948 publiceerde Gerard Walschap zijn moedig 'Zwart en Wit' en dat zorgt voor heel wat herrie, ook bij Nederlandse critici. De noordelijke verontwaardiging culmineert in een artikel van Johan Van der Woude in Vrij Nederland dat Walschap een medeplichtige noemt, zijn boek een verheerlijking van de karakterloosheid en onfatsoen. Walschap is geen ogenblik bij de pakken blijven zitten en heeft zich verdedigd in een agressief ingezonden stuk aan voornoemd weekblad, waarin hij Van der Woude bestempelt als behorende tot "de blaaskaken die zich door het constateren van de evidente, menselijke realiteit beledigd en te kort gedaan achten. Het is uit dat hoovaardig slijk van de straat, vervolgt Walschap, dat jodenvervolgers, inquisiteurs, ketterjagers, onderzoekers van andermans geweten, met één woord al de ongure typen van de onverdraagzaamheid en het fanatisme zijn samengeraapt." (geciteerd in Omtrent, tijdschrift van het Gerard Walschap Genootschap, november 2005, nr 12).
De koningskwestie leidt naar een pré-revolutionaire fase. Tegen de mogelijke terugkeer van Leopold III wordt vanaf medio 1945 een persoffensief gelanceerd door zowat alle kranten, uitgezonderd de Vlaams-katholieke. De hetze is niet zozeer tegen de monarchie, dan wel tegen de figuur van Leopold gericht. Hierbij worden over en weer taktieken gebruikt die weinig met journalistiek maar alles met propaganda te maken hebben. Dit mag in feite geen verwondering wekken: tijdens de oorlogsjaren heeft men in pers- en omroepmiddens geen andere weg bewandeld dan die van de propaganda. Het vijand-denken en het ongenuanceerd culpabiliseren van de tegenpartij overheerst nog steeds in de pers, die sterk partijpolitiek gebonden is. De radio-omroep fungeert als een verlengstuk van de uitvoerende macht.
De macht van de partijpolitiek wordt in deze periode volledig gerestaureerd en naar onze mening is dat de drijvende kracht achter de gehele koningskwestie. Niet de ruzie tussen ministers en de koning omtrent de capitulatie in mei 1940, niet zijn achterblijven in België, niet diens contact met Hitler, niet zijn huwelijk met Liliane Baels ... Dat zijn slechts de drogredenen waarmee men de publieke opinie kon bewerken. Het werkelijke gevaar ligt in het zogenaamde Politieke Testament van Leopold III, een document dat hij begin 1944 had opgesteld. Het bekend raken van de inhoud ervan was dynamiet en zou zeker een oncontroleerbare kettingreactie teweeg brengen waarbij de particratie en de Franstalige bourgeoisie aan het kortste eind zouden trekken. Alhoewel het Politiek Testament reeds op 9 september 1944 aan premier Pierlot en aan Spaak werd overhandigd, zal de integrale tekst pas vijf jaar later, in 1949, bekend raken. Tegen die tijd was de positie van de drie traditionele politieke partijen stevig geconsolideerd. Het voortdurend streven van de drie grote partijen naar consolidatie van de macht is trouwens een constante in de Belgische politiek. De overlevingskansen van partijpolitieke initiatieven buiten het kader van de grote drie zijn dan ook minimaal of onbestaand.
Maar waarover handelde dan dat zgn. politieke testament ? Waarin schuilde het gevaar?
Het is wellicht niet overbodig de integrale tekst hier in herinnering te brengen. Het mag immers verwondering wekken dat gerenommeerde historici, zoals bvb. Velaers en Van Goethem, die in 1994 een boek van 1.152 bladzijden wijdden aan de koningskwestie, nalaten de lezer zelf te laten oordelen over een van de belangwekkendste teksten uit de Belgische geschiedenis.
wiki
1921-1927: République du Rif
Edited: 192107210834
La République du Rif (en berbère : ⵜⴰⵊⴷⵓⴷⴰ ⵏ ⴰⵔⵔⵉⴼ Tagduda n Arrif), officiellement République confédérale des tribus du Rif, désigne le régime républicain qui s'est établi sur le Rif entre 1921 et 1927. La monnaie de la République était le Riffan.
Les Rifains résistent violemment aux intrusions espagnoles et françaises au Maroc.

Mohamed Abdelkrim El Khattabi, dit Abd el-Krim qui fut précédemment juge, devient chef des Rifains.
Après avoir créé un commandement et une structure de pouvoir, Abd el-Krim bat les Espagnols de nombreuses fois et les repousse dans leurs avant-postes côtiers. Après la bataille d'Anoual, en 1921, les espagnols abandonnent l'arrière pays à Abd el-Krim lui permettant de fonder la République du Rif.
Il attend ensuite de créer un état stable pour les Rifains afin de leur donner un répit après de longues années de guerre. Abd el-Krim envoie des représentants diplomatiques à Londres et à Paris pour essayer d’établir des liens diplomatiques avec l'Europe. Cela ne fonctionne pas très bien à cause de l'anxiété des Français face à la montée en puissance de la jeune république d'Abd el-Krim, qui peut alors envahir les possessions françaises au Maroc, si elle a le temps de rassembler des hommes et des armes. De plus, le discours d'Abd el-Krim, qui prône la liberté pour tous les peuples n'est pas bien accueilli par les puissances coloniales européennes.

Hubert Lyautey pressentant qu'Abd el-Krim cherchera à obtenir le ralliement des tribus rifaines du Maroc français de l'envoi de renfort qui lui permettent de former 3 groupes d'infanterie et 9 escadrilles d'avions.

Au printemps 1925 Mohamed Abdelkrim El Khattabi, dit Abd el-Krim il décide de lancer une offensive, après être parvenu à rallier plusieurs tribus, en vue d'atteindre l'oued Ouergha qu'il considère comme la frontière de sa république.
Le 22 avril, il passe à l'attaque en direction de Fez. Pour l'arrêter les Français dispose du 3e bataillon du 15e régiment de tirailleurs algériens qui garde le gué et le bac de l'Ouergha. Le bataillon repousse les assauts durant 4 jours avant d'être dégagé le 28 mais les Rifains continuent d'attaquer les petits postes. Ceux de Beni Derkoul et du douar de Mostitef succombent le 13 juin.

Fin 1925, la France et l'Espagne créent une force commune d'un peu moins de 200 000 soldats appuyés par des chars et des avions. Ils bombardent massivement les territoires de la nouvelle république, parfois avec des armes chimiques de modèle allemand utilisés par l'armée espagnole. La République du Rif s'effondre en mai 1926.

Prés d'un siècle passé sur les évènements de la guerre du Rif, l'Espagne continue à refuser de reconnaître ses responsabilités malgré les sollicitations de plusieurs organisations et associations pour les droits de l'homme1, on sait seulement que les habitants du Rif demeurent actuellement les plus touchés par le cancer selon des statistiques officielles sur les cas enregistrés dans le pays.

Banning Emile
Edited: 18980713
Émile Théodore Joseph Hubert Banning (Luik, 12 oktober 1836 - Elsene, 13 juli 1898) was een Belgisch ambtenaar, diplomaat, schrijver en journalist.
Banning was doctor in de Wijsbegeerte en Letteren en werd journalist bij het dagblad L'Echo du Parlement waarvoor hij de politiek op de voet volgde. In 1861 werd hij eveneens archivaris bij de Koninklijke Bibliotheek. Banning werd opgemerkt door Charles Rogier, de minister van Buitenlandse Zaken, die hem in 1863 aantrok binnen het departement als archivaris, bibliothecaris, schrijver, vertaler en rechterhand van toponderhandelaar Auguste Lambermont. Banning bleef deze functies uitoefenen tot aan zijn dood in 1898.

Het voorbereidende werk van Banning in 1863 zorgde ervoor dat de onderhandelingen met Nederland in verband met het afschaffen van de Scheldetol succesvol afliepen. Op het ministerie van Buitenlandse Zaken specialiseerde hij zich in het schrijven van allerlei verhandelingen over wereldkwesties en trok zo de aandacht van koning Leopold II. Een aantal artikels van Banning over Centraal-Afrika in L'Echo du Parlement inspireerden de koning om in 1876 in Brussel een eerste conferentie over Afrika te houden.

Banning werd één van de naaste medewerkers van de koning en was een vurig propagandist van de expansiedrang van België. Tijdens de Koloniale Conferentie van Berlijn in 1884 was hij één van de vertegenwoordigers van België. Hij was mede-onderhandelaar maar schreef ook de voorbereidende teksten, alsook de verslagen van de meetings, voor Auguste Lambermont, die algemeen redacteur van de conferentie was. De conferentie was voor België een succes en Kongo-Vrijstaat werd opgericht.

Émile Banning was een groot tegenstander van de nog bestaande slavenhandel en was één van de mede-organisators van de conferentie tegen de slavenhandel van 1890 in Brussel, waarop hij samen met Lambermont België vertegenwoordigde. Na deze conferentie was Banning er voorstander van om Kongo-Vrijstaat, persoonlijk bezit van de koning, door België te laten annexeren en was het niet meer eens met de economische politiek die Leopold II voerde in Kongo. Door zijn publicaties in 1890-1892 kwam hij meermaals in botsing met de koning. Aanvankelijk kon Auguste Lambermont de gemoederen nog sussen maar vanaf 1893 viel Banning volledig in ongenade bij de koning.
Literatuur:
Marcel WALRAET, Emile Banning. Un grand Belge (1836-1898), Office de Publicité, Bruxelles, 1945.
A. DE BURBURE, Emile Banning, in : L'Essor économique belge. Expansion coloniale, Brussel, 1932
Marcel WALRAET, La jeunesse austère et studieuse d'un grand commis de Léopold II, in: La Revue nationale, 1945.
J. BRUHAT, Emile Banning in : Les techniciens de la colonisation (XIX®-XXe siècles), Presses Universitaires de France, Parijs, 1946.
Louis DE LICHTERVELDE, Émile Banning, in: {Revue générale belge, Brussel, 1946.
C. NEYZEN, Émile Banning et l'État Indépendant du Congo, doctoraatsthesis in koloniale wetenschappen (onuitgegeven), ULB, 1946.
Marcel WALRAET, Les papiers d'Émile Banning, in: Revue Nationale, Brussel, 1950.
G. D. PERIER, Émile Banning, in: Revue Nationale, Brussel, 1947.
Marcel WALRAET, Les «Réflexions morales et politiques» d'Émile Banning, in: Revue Nationale, Brussel, 1947.
G. D. PERIER, Émile Banning mourait le 13 juillet 1898, in: Revue coloniale belge, Brussel, 1948.
Liane RANIERI, La collaboration personnelle de Lambermont et de Banning avec Léopold II, licentiaatsthesis geschiedenis (onuitgegeven), ULB,
N. LAUDE, La reconnaissance de la 30° promotion: Émile Banning. Discours du Directeur de l'Institut Universitaire des Territoires d'OutreMer, Antwerpen, 1951.
N. LAUDE, in: Problèmes d'Afrique centrale, Brussel, 1952.
R.-J. CORNET, A propos de deux dossiers: le dossier diplomatique de l'Ubangi et le dossier Degrelle-Rogier sur l'Ubangi, in: Bulletin. I. R. C. B., Brussel, 1953.
R. P. A. ROEYKENS, Les réunions préparatoires de la délégation belge à la Conférence géographique de Bruxelles en 1876, in: Zaïre, Brussel, 1953.
A. COSEMANS, Les Archives générales du Royaume au point de vue de la documentation historique coloniale, in: Bulletin I.R. C. B., Brussel, 1954.
R. P. A. ROEYKENS, Banning et la Conférence géographique de Bruxelles en 1896, in: Zaïre, Brussel, 1954.
R. P. A. ROEYKENS, Les débuts de l'œuvre africaine de Léopold II (1875-1879), Brussel, 1955.
Jean STENGERS, Textes inédits d'Émile Banning, in: A. R. S. C., Cl. des Sc. mor. et pol., Brussel, 1955.
Marcel WALRAET, Emile Banning, in: Biographie coloniale Belge, T. I 1948 & T. IV, 1955.
bron: wiki
Huber
1884: toeristen in Thebe
Edited: 188400001116



src: 201410122346
10 oktober 1797: verkoop abdij Saint Hubert aan Lecouteulx de Canteleu voor 210.000 francs
Edited: 179710101785
19590087 X C 47 DESSOY M., BOURGEOIS F. Saint Hubert d'Ardenne. Sa Vie, l'Abbaye et sa Basilique Carton cover, in-8, aggraffé, 53 pp., photos en NB, notes. L'abbaye bénédictine exista de 817 jusqu'en 1796. L'abbaye fut envahie par l'armée de la Moselle le 5/5/1794 et puis séquestreé le 2/2/1795. Le 22/10/1795 les moines sont autorisés à rentrer au monastère. Le 28/10/1796 ils furent mis en demeure de le quitter. Le 10/10/1797 le monastère est vendu au citoyen Lecoulteux-Canteleu (sans doute Lecouteulx-Canteleu, LT) de Paris pour 210.000 francs. (p. 45) Nous ajoutons une note biographique sur la personne de Jean-Barthélemy Le Couteulx de Canteleu. Saint Hubert Impr. Félix 1959